Montesquieu Institute: from science to society

De geest van Omtzigt waart nog steeds rond bij het CDA

Monday, September 27 2021, 13:00, Gerrit Voerman, met medewerking van Edgar Hoedemaker

Pieter Omtzigt mag dan wel vertrokken zijn, zijn geest waart nog altijd rond bij de christendemocraten. De partij is gehavend: na een matige verkiezingscampagne, een slecht verkiezingsresultaat en het vertrek van de nummer 2, staat het CDA in de Peilingwijzer op slechts 5 tot 11 zetels. Als het CDA niet oppast, dreigt voor de traditionele volkspartij die de Nederlandse politiek jarenlang domineerde een rol in de marge weggelegd. Het tam verlopen partijcongres van 11 september jongstleden had dan wel ‘de blik op de toekomst’ gericht, maar om werkelijk aan herstel op de langere termijn te kunnen denken moeten twee dreigingen van nú, die als schaduwen over de partij hangen, grondig worden aangepakt. En dat is nog niet zo eenvoudig.

De eerste dreiging waar het CDA mee kampt is van externe aard en heet Pieter Omtzigt. De electorale kracht van hem als politiek figuur lijkt groot: in fictieve peilingen zou hij het CDA leegeten. Het is voor het CDA dan ook te hopen dat er geen vervroegde verkiezingen komen als de kabinetsformatie definitief zou mislukken, want daar zouden de christendemocraten veel nadeel van ondervinden. Pieter Omtzigt houdt zijn kaarten nog tegen de borst, maar hij sorteert wel voor op een eigen politieke toekomst. Niet voor niets heeft hij in zijn politiek van een nieuw sociaal contract vier beleidsterreinen als prioriteit aangewezen die klassiek christendemocratisch van aard zijn: onderwijs, huisvesting, omkijken naar naasten, en de rechtsstaat.

Het zal voor het CDA niet eenvoudig zijn hiertegenover een eigen wervend verhaal te plaatsen, ook al omdat het al veel van het gedachtegoed van Omtzigt heeft omarmd. Daarbij komt dat de partij kampt met een tweede groot probleem van interne aard: de fundamentele onduidelijkheid over de koers. Al sinds 2010 schippert het CDA tussen een positie op rechts en in het midden van de politiek. De partijtop en het merendeel van de leden lijken voor het politieke centrum te kiezen, getuige de breed gedragen rapporten Zij aan Zij uit 2020 en het Rapport-Van Zwol van september 2021. Partijleider Wopke Hoekstra daarentegen profileerde zich tijdens de verkiezingscampagne een stuk rechtser door zich nadrukkelijk op de VVD te oriënteren. Zijn voorkeur voor rechts blijkt ook uit zijn opstelling tijdens de lopende kabinetsformatie. VVD-leider Mark Rutte lijkt meer geporteerd voor samenwerking met PvdA en GroenLinks dan Hoekstra, die er weinig voor voelt om met deze twee progres­sieve partijen te regeren. Maar aangezien het CDA zegt zich in het politieke midden te willen positioneren, dan zou samenwerking met centrum-links toch wel voor de hand liggen.

De verdeeldheid zit diep in het CDA, zonder dat er een oplossing in zicht is. Na het vertrek in 2019 van Sybrand Buma, die de zorgen van de ‘boze burger’ wilde vertolken, brak er een partijleiderloos tijdperk aan. Ruim een jaar later werd Hugo de Jonge nipt als lijsttrekker verkozen, die met het CDA naar het midden wilde. Na een half jaar werd hij al weer afgelost: niet door de in de lijsttrekkersverkiezing als tweede geëindigde Omtzigt, maar door de meer op rechts gerichte Hoekstra. Na al het gedoe van het afgelopen anderhalf jaar kan het CDA zich niet opnieuw een leiderschapswissel permitteren, maar het heeft nu wel een partijleider die niet goed past bij de koers die de partij wil varen en waarvan de leiding (electoraal) herstel verwacht. Daar­bij komt dat het CDA als gevolg van de toenemende secularisering van de samenleving ook nog eens tegen de stroom in roeit. Ook al zou de partij met de juiste leider en een goede campagne nog wel eens bij verkiezingen kunnen pieken – net als de PvdA in 2012 met Diederik Samsom –, haar glorietijd is toch echt voorbij. Het CDA moet zich instellen op een structureel lager zeteltal dan de veertig die het na de eeuwwisseling behaalde in de periode-Balkenende. Na 2010 kwam de partij niet meer boven de twintig Kamerzetels uit. Hoe hoog dat niveau bij de eerstvolgende Tweede Kamerverkiezingen zal worden, hangt af van de vraag hoe het CDA de externe en interne dreigingen weet te pareren.


Prof. Gerrit Voerman is hoogleraar Nederlandse en Europese partijstelsels en tevens directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP) van de Rijksuniversiteit Groningen.

1.

Deze bijdrage stond in