Montesquieu Institute: from science to society

Levendig debat over bulkdatasets en datahonger: ‘Het is maar goed dat jullie zo ver uit elkaar zitten’

Onder leiding van bijzonder hoogleraar Paul Abels, vond dinsdag in Wijnhaven een drukbezocht online gastcollege en paneldiscussie plaats met als thema ‘Evaluatie van de WIV2017. En nu? ’ Centraal stond de omgang met bulkdatasets door de inlichtingendiensten. Wat volgde was een levendig en soms fel debat tussen panelleden, directeur van de MIVD Jan Swillens, Bart Jacobs, hoogleraar aan de Radboud Universiteit en Jan-Jaap Oerlemans, bijzonder hoogleraar aan de Universiteit Utrecht.

Het was ‘een primeur voor de Universiteit Leiden’. De eerste keer dat de directeur van de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst (MIVD) aan een symposium zoals dit, op initiatief van de Koninklijke Vereniging Ter Beoefening van de Krijgswetenschap, meedeed. Aangespoord door het evaluatierapport wil Swillens meer openheid geven over de werkwijze van de inlichtingendienst en het belang benadrukken van het verkrijgen van inlichtingen voor militaire missies. ‘Het is belangrijk dat mensen in Nederland meer beeld en geluid krijgen van hoe inlichtingendiensten hun werk doen. Dat leidt tot meer vertrouwen en draagvlak en we willen zo ook de urgentie van ons werk aantonen. Het blijft natuurlijk wel lastig, want inhoudelijk kan ik niets over onze werkwijze vertellen en geen voorbeelden geven, dus de nieuwswaarde zal dan voor journalisten beperkt zijn, maar toch wil ik door dit soort bijeenkomsten meer naar buiten treden.’

Belang van bulkdatasets

Voor de discussie losbarst en er vragen uit het online publiek gesteld worden, geeft Swillens in zijn introductieverhaal het belang van bulkdatasets voor de MIVD aan en hoe de diensten AIVD en MIVD hiermee omgaan. Bulkdatasets zijn een grote verzameling persoonsgegevens. Verkregen door informanten, via telefoonverkeer of open bronnen met als doel inlichtingen te krijgen over mogelijke dreigingen of activiteiten van buitenlandse inlichtingen- of veiligheidsdiensten. Privacy is het grote discussiepunt bij het vergaren van bulkdatasets. Swillens: ‘Ik benadruk dat we de privacy van burgers alleen schenden als het echt niet anders kan. We mogen er alleen mee aan de slag als er een onderzoeksopdracht is en we worden op diverse manieren gecontroleerd. Vertrouwen is goed, controle is beter.’ Swillens geeft aan dat het overgrote deel van de verkregen bulkdata over het buitenland gaat. Dat beaamt Bart Jacobs, die hierbij wel aangeeft dat het debat in ons land alleen over de impact voor Nederlandse burgers gaat.

Geen datahonger

Daarna slaat even de vlam in de pan als Jan-Jaap Oerlemans, naast bijzonder hoogleraar ook onderzoeker bij de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD), vraagt of Swillens niet graag op de recent gelekte Facebookdata duikt met zijn dienst. ‘Dat zou toch interessant moeten zijn, je hebt als dienst toch datahonger?’ Die term schiet bij Swillens in het verkeerde keelgat. ‘Alsof wij een ongebreidelde zucht hebben naar data die interessant zou kunnen zijn. Met dat beeld heb ik moeite. Wij komen alleen in actie als er een gerichte onderzoeksopdracht is.’ Moderator Abels grijpt in door naar vragen uit het publiek te gaan en grapt: ‘Het is maar goed dat jullie vanwege de coronamaatregelen zo ver uit elkaar zitten.’

Veel vragen

De vragen en de vragenstellers zijn zeer divers. Een bloemlezing; zo is er Sarah, student Security Studies, die vraagt naar de zorgplicht van de binnengehaalde data. Ronald Prins, cybersecurity expert, vraagt of het niet van de zotte is om artikel 50 van de Wiv2017 te laten vallen en oud-MIVD-directeur Pieter Bindt wil weten of de Wiv2017 wel voldoet als het om cybersecurity gaat. Bart Jacobs haakt daar graag op in en legt Swillens de vraag voor of ‘jullie wel snel genoeg zijn met hackbevoegdheid’. Volgens Jacobs mogen er best meer spoedaanvragen gedaan worden als de nood aan de man is. ‘Er wordt niet op los-gehackt,’ pareert Swillens die toegeeft dat de cyberdienst wel sneller ingezet kan worden bij spoedgevallen.

Discussie is belangrijk

Na bijna twee uur debatteren sluit Abels het gastcollege af. Hij kijkt tevreden terug en hoopt dat dit soort evenementen vaker gehouden worden om de discussie tussen de academische wereld en de praktijk levendig te houden. ‘Het is goed om met elkaar in discussie te gaan en uit te leggen hoe bepaalde ingewikkelde zaken liggen en te kijken welke vragen er ook bij het publiek leven. De rol van de academische wereld is daarin wat mij betreft net zo groot als die van de media.’

Kijk hier het debat terug:

Verlaat onze website om deze video te bekijken.