Montesquieu Institute: from science to society

De impact van de Brexit? De toekomst van de EU?

Monday, December 16 2019, 13:00, analysis by Aalt Willem Heringa, hoogleraar staatsrecht Universiteit van Maastricht

De Brexit is aanstaande

Een enorme verkiezingswinst voor Boris Jonhson: een zeer ruime meerderheid in het House of Commons is het gevolg (365 van de 650 zetels), zodat er geen coalitie nodig is, en zodat Johnson ook een zeer sterke positie heeft verworven om de regering en de meerderheid naar zijn hand te zetten. Effectief is zijn meerderheid nog comfortabeler omdat SinnFein met 7 zetels deze niet inneemt zodat een meerderheid van 322 de facto voldoende is). Dat betekent zoals al is aangekondigd een Brexit per 31 januari 2020, nadat het parlement verwacht kan worden de noodzakelijke Brexitwetgeving zeer spoedig aan te nemen. Dat kan nu snel, een snelheid die het House of Commons eerst nog had verworpen waardoor verkiezingen nodig bleken, immers. De Brexit deal was immers al door het House of Commons goedgekeurd. Tegenstand van het House of Lords lijkt niet te verwachten na deze verkiezingszege voor Johnson.

Een zeer sterke positie voor Johnson

Johnson kan nu de eigen partij naar zijn hand zetten en de interne oppositie linksom of rechtsom zal zich wel gaan voegen. Dat geldt nu voor de Brexit en de huidige deal, maar straks voor 30 juni 2020 ook voor de vragen of de overgangsperiode tot eind 2020 duurt of verlengd gaat worden, en hoe de toekomstige relatie met de EU er uit zal kunnen gaan zien. Labour heeft enorm verloren en komt uit op 202 zetels, en dus ook in die districten waar Labour van oudsher de grootste was: daar had men destijds voor Brexit gestemd en nu dus schoon genoeg van de rook die Corbyn opwierp, de dubbele tong waarmee Labour sprak en de vertragingstactiek de afgelopen jaren.

Hoe nu in en met Schotland?

Schotland koos in overgrote meerderheid voor de SNP (48 van de 59 Schotse zetels), en deze zal de druk gaan opvoeren voor een tweede onafhankelijkheidsreferendum: de vraag is echter zeer of die er gaat komen. Met zo’n referendum en met eventuele onafhankelijkheid moet Westminster nu eenmaal instemmen. En dat te doen lijkt niet erg voor de hand te liggen. De conservatieven hebben de steun van de SNP in het geheel niet nodig, en waarom zou men dus meewerken aan de opsplitsing van het Verenigd Koninkrijk? Op dit dossier zal er druk op de ketel blijven en is het schisma onverminderd groot. Schotland dat in de EU wil blijven en hoofdzakelijk Engeland dat er uit wil. De steun die de Conservatieven nog hadden in Schotland lijkt nu bijna geheel verdampt.

En Noord-Ierland?

Voor Noord Ierland staat de DUP (de unionisten die de coalitie van May steunden) op twee zetels verlies (komt uit op 8 zetels), en dat is aanzienlijk. Dat geeft te denken na de koers die de DUP vaarde in het Brexit debat.

De DUP en SinnFein (7 zetels) verliezen beide aanhang ten faveure van de Alliance Party (1 zetel) die veel stemmen afsnoepte. Ook de SDLP (2 zetels) won aanhang. Miniem voor de samenstelling van het House of Commons maar wel hoopgevend voor Noord-Ierland waar SDLP en de Alliance Party als aanzienlijk gematigder bekend staan dan DUP en Sinn Fein. Ten tijde van het referendum stemde de meerderheid in Noord Ierland voor Remain, maar mijn inschatting is dat er (afgezien van de DUP) instemming is met de deal die Johnson heeft gesloten en de oplossing voor de Noord-Ierse /Ierse grens. Ook al zou dat grenzen in de Noord-Ierse zee betekenen tussen (Noord-)Ierland en Groot Brittannië. Opvallend is ook dat met deze verkiezingen het unionistische kamp in Noord Ierland nu het grootste is geworden. En dat zou weer een geheel nieuwe dynamiek kunnen geven in Noord Ierland.

En verder?

In Wales verloor Labour aanzienlijk ten faveure van de Conservatieven.

Maar overigens moet de totale verkiezingsuitslag ook weer in die zin gerelativeerd worden dat de Conservatieven als geheel ‘maar’ 1,2% aan stemmen won (waarmee dus 49 zetels werden gewonnen). Labour verloor 8% (aan conservatieven en SNP voornamelijk) maar scoorde desondanks beter dan in 2010 en 2015. En de LibDems wonnen stemmen, maar verloren zetels.

Toekomst na de Brexit

Kortom: de Brexit gaat een feit worden, maar hoe de toekomst er precies gaat uitzien na de overgangstermijn is nog te bezien. Nu de WTO als vrijhandelsorganisatie wankelt komt de wereldhandel onder economische, politieke en militaire druk te staan in plaats van regels en macht. En hoe dat gaat uitpakken voor het VK valt te bezien, maar eenvoudig gaat het niet worden, en al helemaal niet nu er de druk op staat van de overgangstermijn tot eind december 2021.

Maar, en dat is de andere kant van de medaille, de positie van Johnson is niet alleen versterkt ten opzichte van de Remainers, maar ook ten opzichte van de harde Brexiteers in de eigen partij. Hij heeft nu een dermate grote overwinning behaald en een dusdanig grote meerderheid achter zich gekregen, dat hij zich ook vrijheden kan permitteren ten opzichte van de European Research Group waarvan hij de steun eerst hard nodig had. Met andere woorden, een verlenging van de overgangstermijn zou niet onmogelijk zijn, en evenmin allerlei verzachtingen van een harde Brexit in de afspraken met de EU op de langere termijn.

Daar zit wel het probleem dat de overgangstermijn (en dus ook een verlenging daarvan) het VK bindt aan EU-regels zonder dat het VK er iets over te zeggen heeft of erover meebeslist. Dat beeld zal Johnson beperkt willen houden, ook voor arrangementen na de overgangsperiode. Dat politieke en economische spel, en spel in de beeldvorming, staat nu op de wagen. Door deze verkiezingsuitslag heeft Johnson in ieder geval nationaal gezien meer macht en armslag gekregen.

Constitutionele impact

Qua constitutionele impact kunnen deze grote zege en grote stabiele meerderheid gaan betekenen dat Johnson mogelijk de wetgeving (Fixed Term Parliament Act) die de ontbinding van het parlement zo aan banden legde kan gaan aanpassen: dat kan immers met een gewone meerderheid. Ook kan het precedent van de huidige verkiezingen vaker worden nagevolgd door de wetgever bij gewone meerderheid bij wet te laten besluiten over nieuwe verkiezingen. Nadeel is dat de premier dan niet meer zelf beslist en dat kan lastig zijn als er gerommel is in de eigen partij.

Qua machtspositie gaat ook gelden dat Labour nauwelijks een oppositie met overtuigingskracht zal zijn de komende periode: Corbyn gaat de partij niet bij de volgende verkiezingen leiden, maar wel het transitie proces organiseren. Dat klinkt niet erg overtuigend waar zijn beleid (en persoon) nu juist zo enorm zijn afgestraft. Dus wat zal de komende jaren de parlementaire oppositie kunnen betekenen? Een gouden kans voor de Conservatieven om te laten zien dat men de Labour stemmers die op hen hadden gestemd kunnen gaan behouden, of door overmoed gestimuleerd, weer gaat kwijtraken.

Over de grote splitsing in het land na en door het brexitreferendum kan nu gezegd worden dat er qua zetels in het House of Commons zeer ruim is gestemd voor een einde van het Brexit gedoe en voor het navolgen van de uitkomsten van dat referendum. Dat is een nuttige uitkomst. Vanuit democratisch perspectief zijn sterke en grote meerderheden riskant, maar voor het land VK is het nuttig dat er tenminste nu het gevoel is overgebracht dat de Brexit onder Johnson moet worden voltooid met de deal zoals het parlement dat had ingestemd.

Het heeft enige tijd geduurd: na het referendum twee maal verkiezingen en tussendoor een minderheidsregering, een parlement dat aan zet was en zeer verdeeld bleek, maar nu dan toch verkiezingen die als het ware als een tweede referendum de Brexit kwestie beslechtten, en en passant voor de komende jaren weer de stabiliteit terug kunnen brengen.

Maar is daarmee de verdeeldheid wel echt over: dat is twijfelachtig. De verdeeldheid tussen Schotland en Engeland is aangescherpt; en als je kijkt naar de percentages van de stemmen over de partijen dan lijkt het er op dat de verdeling van het referendum tussen voor- en tegenstanders van de Brexit nog steeds bestaat; sterker nog, het percentage Brexiteers zou wel eens kleiner kunnen zijn dan het percentage Remainers. Daartoe kunnen we kijken naar het aantal stemmen op de Conservatieven (als Brexit stemmen) versus het aantal stemmen op Labour, de LibDems en de SNP. En dat leidt tot het staatje: 43,6% versus 47,6% (32,1% + 11,6% + 3,9%). Met de kanttekening dat niet alle Labour stemmers anti-Brexit zijn. Wat het anti-Brexit kamp zeker niet heeft geholpen is de concentratie van Brexit stemmen op de Conservatieven, waar daarentegen anti Brexit stemmen konden worden verdeeld over drie partijen, met grote consequenties onder het Britse kiesstelsel.

Wat gaat deze Brexit voor de EU betekenen?

Dat is uiteraard speculeren. Sterker qua omvang en economische macht wordt de EU niet van de Brexit. Ook lijkt het er niet op dat de EU minder verdeeld zal zijn: de sentimenten Oost-West en Zuid-Noord zijn niet minder geworden. Sterker het relatieve belang van grotere Zuid Europese en Oost Europese landen neemt toe. De EU zal wel het Brexit dossier achter zich kunnen laten (nu ja, 2020 zal gewijd moeten gaan worden aan onderhandelingen met het VK over de toekomst) en zich gaan richten op de grote uitdagingen van de complexere wereldhandel, de machtsverhoudingen in de wereld, migratie en milieu. En zaken als eigen governance, uitbreiding, financiële stabiliteit, het nieuwe budget (dat zal lijden onder de Brexit uiteraard) en rechtsstaat.

Of de Brexit een voorbeeld gaat zijn dat navolging krijgt zal mede afhangen van de vraag hoe het het VK zal vergaan, waarbij we moeten bedenken dat het VK op een eiland ligt en qua economie en defensie een niet onbelangrijke speler op het wereldtoneel is.

Is het vertrek van het VK een nieuwe kans voor de Balkanlanden die toetreding willen, of vergroot de Brexit de issues die er nu al zijn met Polen, Hongarije, Roemenië? Kortom wordt/blijft de EU een economisch groei project of een opvanginstelling voor Europese staten waar langzaam aan het ideaal van rechtsstaat en democratie afkalft ten faveure van vooral een economisch machtsblok, of zal de EU uiteenvallen in groepen landen die economische en democratische pluralistische en rechtsstatelijke gemeenschappelijkheden hebben: Oost, Zuid, Noord, en West: een confederatie, of EU van verschillende snelheden, zonder cohesie maar louter als gezamenlijk economisch machtsblok tegenover China, VS en Rusland? Met een economische en militaire focus, ter geleidelijke opvolging van de NAVO en als project om de EU tot een machtsblok te maken en meer draagkracht te geven in Oost Europese landen.

Wat daarbij ook van belang kan gaan worden is de rol van de EU ten aanzien van de klimaatdiscussie: veranderingen van landbouwgebieden, watervoorziening, overstromingen en mogelijk (economische en klimaat-) migratie naar de EU landen, dan wel tussen EU landen. Zal de EU een groen beleid kunnen gaan afdwingen en binnen de EU alle landen op een lijn kunnen krijgen? Als het binnen de EU al niet zou lukken, waarom zou het mondiaal dan wel kunnen gaan gebeuren?

Slot

Tussen uitroepen en mogelijk maken van het Brexit referendum en de Brexit zit zo’n 4 jaren, in de wetenschap dat er nog een overgangstermijn van minimaal 11 maanden volgt en er ook daarna nog tal van arrangementen kunnen blijven bestaan waar het VK gebonden gaat zijn en blijven aan afspraken met en regels van de EU.

De EU boet wel aan economische en politieke macht in, waarbij we moeten gaan zien of en hoe dat gecompenseerd gaat worden met nieuwe inhoud en versterking door de Balkan ook aan Europa te binden. En of de EU in staat zal zijn om intern eenheid te genereren en uit te stralen, en de interne verschillen op te lossen en aan te pakken.

Het VK komt er politiek voorlopig versterkt uit met een regeringsmeerderheid van een omvang zoals die lang niet heeft bestaan. Die te verzilveren en te versterken is nu de uitdaging.

Aalt Willem Heringa is hoogleraar (vergelijkend) constitutioneel en administratief recht aan de Universiteit Maastricht.