Montesquieu Institute: from science to society

‘Het wordt nog labieler’

‘Het was al labiel, maar het wordt er nog labieler op.’ Partijenkenner Gerrit Voerman, hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen, voorziet ‘een moeilijke, lastige periode’ voor het kabinet-Rutte III, de eerste regeringscoalitie met vier partijen sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw.

‘De coalitie van enerzijds VVD en CDA en anderzijds D66 en ChristenUnie is niet homogeen. Vanaf het begin al niet. De breuklijnen worden, ook binnen de partijen, steeds meer zichtbaar. Na verlies bij de statenverkiezingen - uitlopend op een minderheidspositie in de Eerste Kamer - wordt het er alleen maar moeizamer op’, zegt Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen [DNPP].

Zowel tussen partijen als binnen partijen schuurt het, analyseert Voerman. ‘Er tekenen zich op verschillende heikele issues breuklijnen af binnen de coalitie, tussen enerzijds VVD en CDA en anderzijds D66 en ChristenUnie. Kijk maar naar het touwtrekken over klimaatmaatregelen, kijk maar naar de worsteling met zoiets als het kinderpardon’, zegt hij. ‘En wat het des te erger maakt, is dat vaak hetzelfde patroon zichtbaar wordt. Bij herhaling staan twee blokken tegenover elkaar: VVD/CDA versus D66/CU. Zo’n ingesleten scheurtje dreigt zich te verdiepen. Zeker omdat het in het komende halfjaar vooral over het klimaat zal gaan, een onderwerp waarbij de twee blokken herkenbaar tegenover elkaar staan.’

Ook binnen partijen is volgens Voerman van alles ‘in beweging’. Hij maakt de volgende opsomming:

  • In het CDA is een discussie over de koers op gang gekomen. Blijft de partij achter de conservatieve lijn van Sybrand Buma staan? Of beweegt de christen-democratie zich naar het midden?
  • Bij D66 is Rob Jetten nog maar net aangetreden, zijn ‘macht’ is nog niet gevestigd. Wat gebeurt er na een of twee verkiezingsnederlagen in de loop van dit jaar?
  • Ook bij de VVD borrelt het. De kans dat Rutte toch naar Brussel gaat lijkt niet al te groot, maar hangt wel als een schaduw over de partij, mede omdat hij zich de laatste tijd nadrukkelijk op het Europese toneel manifesteert. Wie zal hem opvolgen, deze zomer of anders over een paar jaar? Is de partij niet te bleek, te onherkenbaar geworden na bijna tien jaar regeren? Hoe te reageren op de ‘dreiging van rechts’ (Forum/Baudet)?

‘Alleen de ChristenUnie gaat het voor de wind. De drie andere regeringspartijen hebben het moeilijk, zoals zich aan de peilingen laat aflezen. Vroeger of later werkt dat door.’

Misschien al een kabinetsval na de provinciale statenverkiezingen van 20 maart?

Voerman: ‘In totaal staat de coalitie fors op verlies. Er moet welhaast een groot wonder gebeuren wil ze niet de meerderheid in de Eerste Kamer verliezen. Dat veroorzaakt extra problemen. Het betekent dat steun van andere partijen, oppositiepartijen, nodig is om dingen gedaan te krijgen. Dat zet extra spanning op de breuklijnen binnen de coalitie. Het zullen vermoedelijk VVD en CDA zijn die de grootste concessies moeten doen. Om door te kunnen, kan het kabinet niet over rechts. Met PVV en Forum voor Democratie vallen geen zaken te doen, ook al zou men het willen. Zeker als het over het klimaat gaat, zit de uitgang op links - bij partijen als GroenLinks en PvdA. Dat vergt met name van VVD en CDA de nodige souplesse.’

Voerman: ‘Nee, ik voorspel geen kabinetscrisis, aan koffiedik kijken doe ik niet. Maar op een gegeven moment kan dat wel te veel worden…’

Gerrit Voerman is hoofd van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen en hoogleraar Ontwikkeling en functioneren van het Nederlandse en Europese partijstelsel aan de Rijksuniversiteit Groningen.