Montesquieu Institute: from science to society

Verdeling Europese topfuncties in 2019

Vlag van de Europese Unie en een aantal lidstaten
Bron: flickr/motiqua

In 2019 komen er veel topfuncties vrij in de Europese Unie. Zo worden er verkiezingen gehouden voor het Europees Parlement en wordt er een nieuwe Europese Commissie benoemd. Ook lopen de mandaten van de huidige voorzitters van de Europese Raad, de Europese Centrale Bank en de eurogroep af.

In het najaar van 2018 is de strijd om de topfuncties echt ontbrand. Die strijd wordt deels openlijk, maar vooral achter de coulissen gestreden. Het is moeilijk te voorspellen hoe het gaat lopen. Reputaties zullen sneuvelen, en door last-minute deals kunnen (en zullen) er onverwachte benoemingen volgen.

Een belangrijke strijdpost is het voorzitterschap van de Europese Commissie. Daar wijzen Europese partijen allemaal een zogenoemde Spitzenkandidat voor aan. Dat is hun kandidaat om voorzitter te worden. Er zijn twee Nederlandse kanshebbers: namens de sociaaldemocraten is dat Frans Timmermans. De Groenen/EVA schoven Bas Eickhout naar voren, die deze positie deelt met Ska Keller. De naam van Mark Rutte zingt ook veelvuldig rond in het Europese geruchtencircuit, maar hij ontkent een eventueel vertrek naar Brussel stellig.

Op 28 mei 2019, kort na de Europese verkiezingen, komen de regeringsleiders bij elkaar om de verdeling van de topfuncties te bespreken. EU-president Tusk wil dat het selectieproces snel en effectief gebeurt.

1.

Procedures in het kort

De politieke strijd rondom de benoemingen kent weinig regels. De formele procedures voor de benoemingen van de Commissie, de Commissievoorzitter, de Hoge Vertegenwoordiger, de vaste voorzitter van de Europese Raad en de president van de ECB zijn vastgelegd in de Europese verdragen.

2.

Functies en data

Onderstaande Europese topfuncties komen in 2019 vrij. Van veel functies is de datum bekend wanneer zij vrij komen.

 

Functie

Datum

Voorzitter Europese Commissie

Juni/Juli

Overige Europese Commissarissen

Najaar 2019

President ECB

1 november

Voorzitter Europese Raad

1 december

Voorzitter Europees Parlement

Na parlementsverkiezingen in mei

Voorzitter Comité van Regio's

-

Voorzitter Europees Economisch en Sociaal Comité

-

Hoofdaanklager Europees Openbaar Ministerie

-

3.

De juiste kandidaat

Er is de lidstaten van de EU veel aan gelegen om een mooie post binnen te slepen. Daarvoor wordt lang en hard gelobbyd. Om de juiste post te krijgen moet een kandidaat uit een land te komen dat de juiste mate van invloed heeft, uit de juiste regio komen en de juiste politieke kleur hebben. Bovendien kan het helpen om uit een land te komen dat nog nooit een belangrijke post heeft bezet én speelt ook de 'gunfactor' een rol. Dat geldt voor alle topfuncties binnen de Europese Unie.

Dat komt bovenop de persoonlijke kwaliteiten die de kandidaat in kwestie moet bezitten; een mix van bestuurlijke en politieke ervaring maar bijvoorbeeld ook het kunnen spreken van de juiste talen. Uiteindelijk moet er dan ook ook nog een faire verdeling van die posten komen tussen de landen, regio's en politieke stromingen, waardoor kandidaten die aan alle bovenstaande eisen voldoen alsnog afvallen omdat iemand met een gelijk profiel een hoge post heeft weten te bemachtigen.

Tot slot speelt er nog een criterium dat in het verleden vaak bij monde is beleden, maar uiteindelijk altijd is genegeerd: er moet een balans komen tussen mannen en vrouwen. De roep om eindelijk ook bij de Europese instellingen (meer) vrouwen te benoemen is sterker dan ooit.

4.

Tegenstellingen en groepen

Groepen landen

Misschien wel het belangrijkste criterium waarnaar wordt gekeken, is uit welke regio de kandidaat komt. De noordelijke landen - Zweden, Finland, Denemarken - zijn een blok, en trekken vaak op met Nederland, Ierland en de Baltische staten. De Baltische staten zijn een eigen miniblokje, maar hebben naast affiniteit met de noordelijke landen ook banden met de andere Oost-Europese landen. Nederland heeft naast een noordelijke coalitie ook het Benelux-verband waarin het acteert, en behoort tot de "founding six", de zes landen die de Europese samenwerken zijn gestart.

Oostenrijk hoort net als Nederland bij meerdere clubjes - voor begrotingszaken zijn ze duidelijk gelieerd met de noordelijke landen en Duitsland, maar onderhoudt nauwe banden met de landen van Midden- en Oost-Europa. Voor Duitsland geldt een beetje hetzelfde - noordelijk in houding, maar gevoelig voor de zorgen van de oostelijke buren. Duitsland is zo machtig dat het (ook) haar eigen blok is.

Frankrijk is traditioneel het andere machtscentrum binnen de EU, wat met het vertrek van het Verenigd Koninkrijk weer aan kracht heeft gewonnen. Naast het verdedigen van eigenbelang trekt Frankrijk op met de landen rond de Middellandse Zee. In die 'Club Med' zitten ook Italië en Spanje, twee grote landen die een minder grote stempel drukken op de EU dan ze soms zouden willen. Dat komt met name door hun economische status. Portugal toont op het vlak van economisch beleid soms meer verwantschap met de noordelijke landen dan met de eigen groep.

Tot slot zijn er de landen van het voormalige Oostblok, de laatste groep landen die zijn toegetreden. Soms opereren ze als één blok, maar de meest hechte samenwerking is die tussen de Visegrad-landen; Polen, Hongarije, Tsjechië en Slowakije. Deze groep heeft de reputatie lastig te zijn - hun politiek is meer op autocratische leest geschoeid dan elders in de EU en hun beleid strookt niet altijd met wat het merendeel van de EU soms zou willen.

Euro vs niet-euro

De landen uit de eurozone hebben op een aantal terreinen afspraken en werken nauwer samen dan de lidstaten die de euro nog niet hebben ingevoerd. Dat zet de niet-euro landen op achterstand - er zijn overleggen waar zij niet mogen aanschuiven en er worden beslissingen genomen waar ze geen stem in hebben.

Groot vs klein

Duitsland is het grootste en machtigste land binnen de EU. Economisch solide en grootste financier van de Europese begroting. Dat werkt ook tegen ze; het land heeft informeel al zo veel invloed en is zo bepalend dat veel andere landen huiverig zijn om dan ook nog eens Duitsers op topfuncties te benoemen. Voor Frankrijk geldt hetzelfde.

Aan de andere kant moet je ook niet te klein zijn - Luxemburg is bijvoorbeeld met huidig Commissievoorzitter Juncker de uitzondering en niet de regel. Voor de kleinere landen telt vooral tot welke groep ze behoren, en wat die groep gegund wordt.

Onderbedeelde landen

Landen die nog nooit een hoge post hebben bezet stellen - in veel ogen terecht - dat zij ook aan de beurt zijn. Dit geldt met name voor de nieuwe (oostelijke) lidstaten die nog goeddeels met lege handen hebben gestaan bij het verdelen van de topposities.

Constructief vs 'lastig'

Lidstaten mogen opkomen voor het eigen belang en er wordt steeds minder verwacht dat lidstaten bijna per definitie voor verdere integratie hoeven te zijn. Landen kunnen ook te vaak 'nee' zeggen en teveel een eigen weg gaan. Dat gaat ten koste van hun gunfactor.

Politieke kleur

Traditioneel werden posten verdeeld tussen de christendemocraten en de socialisten, en kregen de liberalen af en toe een mooi bot toegeworpen. Met de druk op de politieke centrum van met name rechts-populistische partijen is het de vraag of dat zo blijft. Het is zeer onwaarschijnlijk dat de meer eurosceptische en populistisch getinte groeperingen een mooie functie toebedeeld krijgen maar hun opkomst zet de traditionele coalitie van de middenpartijen wel onder druk, en daarmee ook de verdeling van posten. De christendemocraten rekenen erop met afstand het grootste blok te worden en zullen posten naar zich toe willen trekken.

5.

De hoofdprijs: voorzitterschap van de Europese Commissie

De Europese Commissie is het dagelijkse bestuur van de EU en stelt al het nieuwe beleid op. De positie van de Commissie staat onder druk door de groeiende rol van de Europese Raad waar de regeringsleiders de kaders uiteenzetten, maar het voorzitterschap van de Commissie blijft de hoofdprijs. Een andere mooie post binnen de Commissie is ook zeer gewild.

 

Spitzenkandidaten

De voorzitter wordt benoemd door de lidstaten, maar die benoeming worden goedgekeurd door het Europees Parlement. Het EP slaagde er in 2014 in om de benoeming van de Commissievoorzitter te verbinden aan de verkiezingen voor het EP, middels het idee van 'Spitzenkandidaten'. Dat komt erop neer dat de politieke groepen iemand aanwijzen als een soort van lijsttrekker, en dat de lijsttrekker van de grootste partij bijna zeker Commissievoorzitter wordt. Een deel van het EP zegt dat het, net als in 2014, geen andere kandidaat dan de winnende Spitzenkandidat zal accepteren. De meeste lidstaten willen dat onderling kunnen bepalen en hebben weinig boodschap aan deze wens van het EP.

Voor Spitzenkandidaten kan het daarom verstandig zijn tegenover de lidstaten terughoudend te zijn over hun ambities voorzitter van de Europese Commissie te worden, om bij hen geen irritatie te wekken. Het is de vraag of het EP volhardt in haar houding. Want naar verwachting zullen de christendemocraten wederom de grootste fractie worden, maar een aantal 'droomkandidaten' voor het voorzitterschap van de Commissie heeft een andere politieke kleur. Die zouden niet bij voorbaat kansloos moeten zijn.

Overzicht Spitzenkandidaten

naam

Europese partijen


 

Violeta Tomic


Nico Cue

Yanis Varoufakis

DiEM25

wijzen geen spitzenkandidat aan

nog onbekend

6.

Ook Rutte 'genoemd'

De Europese regeringsleiders drukken meer en meer hun stempel op de EU. Zij bepalen in toenemende mate de kaders van het EU-beleid. En dus is de vaste voorzitter van de Europese Raad - op papier slechts een soort secretaris en voorzitter van vergaderingen - een steeds belangrijker positie.

Het lijkt erop dat de christendemocraten deze post willen claimen, wat hun lobby voor de post van Commissievoorzitter zou kunnen bemoeilijken. Maar gezien hun dominante positie in de Europese politiek maken ze goede kans. De naam van de Roemeense president Klaus Iohannis doet de ronde, waarmee Oostelijk Europa ook meteen een topfunctie zou hebben

Ervaring als premier lijkt een vereiste, en premier Mark Rutte is één van de langstzittende regeringsleiders in Europa. Zijn naam zoemt al langere tijd rond in de Brusselse wandelgangen. Rutte heeft tot nog toe gezegd 'zich volledig op Nederland te richten'. Toch zien insiders in zijn steeds actievere rol op het Europese toneel de mogelijke opmaat naar het voorzitterschap van de Europese Raad, of misschien zelfs als voorzitter van de Europese Commissie.

7.

President van de ECB

ECB in Frankfurt

Na het uitbreken van de financiële crisis in 2008 bleek des te meer dat de Europese Centrale Bank een belangrijke plaats inneemt in het Europese bestel. Op sommige momenten wogen woorden en acties van ECB-president Draghi zwaarder dan de maatregelen van de Commissie of de lidstaten.

De positie van president van de ECB was al gewild, maar het is nu des te meer duidelijk waarom. De grote strijd gaat bij deze benoeming vooral tussen de begrotingshaviken die een streng en restrictief beleid voorstaan en gruwen van begrotingstekorten of centralisering van overheidsschulden, en kandidaten en landen die daar voor open staan.

De Fransen hebben met Christine Lagarde, directrice van het IMF, maar ook met Benoît Coeuré en hun centrale bank president Francois Villeroy de Galhau drie ijzers in het vuur. De Ieren zouden een kans maken maar lijken met Philip Lane te mikken op het vicevoorzitterschap. Er zijn ook een aantal outsiders voor deze positie, onder wie met name kandidaten uit landen met een reputatie voor streng beleid. Zo maakt de Est Ardo Hansson kans, de Finnen Olli Rehn en Erkki Liikanen, maar ook Klaas Knot, president van De Nederlandse Bank. Zeker voor Knot geldt dat hij een mogelijk acceptabel compromis is tussen Duitsland en de andere landen, mocht Weidemann te veel weerstand oproepen.

Voorzitter bankentoezicht

Het Single Supervisory Mechanism (SSM) houdt zich bezig met het toezicht op de banken. Formeel is het onderdeel van de ECB, maar in de praktijk is het een semizelfstandige instelling met een eigen bestuur en een eigen voorzitter.

In november 2018 werd bekend dat de Italiaan Andrea Enria in december 2018 het voorzitterschap van de huidige voorzitter, Danièle Nouy overneemt. Eerder had het SSM zelf gezegd een vrouw aan de top te willen. De Duitse en Ierse kandidates leken goede papieren te hebben, maar Duitsland en Ierland zijn ook in de race voor een topfunctie in de ECB. Daarmee was de weg vrij voor de Italiaan.

Eurogroep

Bij de benoeming van de voorzitter van de ECB wordt met een schuin oog gekeken naar wie voorzitter is/wordt van de eurogroep. de ongeschreven afspraak is dat de twee posten verdeeld worden tussen een 'noordelijke' en een 'zuidelijke' kandidaat. Iets wat wrevel opwekt in de Oost-Europese landen die op dit vlak een positie willen verkrijgen. De Portugees Centeno is nu voorzitter van de eurogroep en zijn mandaat kan in 2019 worden verlengd.

8.

Andere (bijna) topfuncties

De koehandel tussen functies gaat om veel meer dan alleen de bovenstaande functies. Zo kan een groep landen of politieke familie 'gecompenseerd' worden door het verkrijgen van een belangrijke post binnen de Commissie. Bovenaan de lijst 'posten van tweede rang' staat die van Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlands- en Veiligheidsbeleid, die gezien de toenemende samenwerking op defensiegebied mogelijk zelfs weer echt als een toppositie meetelt. Ook de posten mededinging, regionaal beleid, landbouw en coördinator van de nationale economieën hebben veel aanzien.

Het voorzitterschap van andere instellingen zoals het Comité van de Regio's en het Europees Economisch en Sociaal Comité zijn aardig, maar lang niet zo prestigieus. Een nieuwe functie in dit spel is die van hoofdaanklager van het Europees Openbaar Ministerie. Het is nog lang niet duidelijk wat het belang van deze functie zal zijn, maar voor deze functie zijn er drie genomineerden: Laura Kövesi uit Roemenië, Jean-Francois Bohnert uit Frankrijk en Andrés Ritter uit Duitsland.

9.

Meer informatie