Montesquieu Institute: from science to society

Nieuw zonder stip: de overige partijen

Paul Lucardie, onderzoeker bij het Documentatiecentrum voor Nederlandse Politieke Partijen Rijksuniversiteit Groningen, fellow Montesquieu Instituut

De vorige vier afleveringen van deze serie waren gewijd aan DENK, VNL, Forum voor Democratie en de Piratenpartij: vier nieuwkomers ‘met stip’ die naar mijn mening relatief iets meer kans op een zetel maken dan hun concurrenten. Ze wisten zich immers een duidelijk strijdpunt toe te eigenen dat hen onderscheidt van de rest en dat kiezers aanspreekt, ze beschikken over bekende kandidaten en krijgen relatief veel publiciteit of weten andere hulpbronnen aan te boren (geld, leden, contacten). In deze laatste aflevering passeren de overige nieuwkomers de revue.

De kernpunten

Onder hen opvallend veel partijen die uit onbehagen over het politieke systeem en de behoefte aan meer directe democratie geboren lijken te zijn. De partij Niet Stemmers komt op voor kiezers die zich niet kunnen vinden in het systeem en daarom niet stemmen; haar enige programmapunt: in het parlement zullen haar afgevaardigden nooit aan stemmingen deelnemen. GeenPeil heeft eveneens slechts één programmapunt: haar afgevaardigden zullen hun stem elke week laten bepalen door de voorkeur van hun achterban, de partijleden, via een app. Het idee is overigens niet nieuw, maar werd in 2006 al voorgesteld door de Continue Directe Democratiepartij die daarmee nog geen 600 stemmen haalde. Nog verder gaat StemNL, die niet alleen haar leden maar ook alle kiezers wil laten beslissen over de stem van haar volksvertegenwoordigers. Ook dit idee werd al eens eerder geopperd, namelijk in 1998 door het Kiezers Collectief: dat wilde bij alle belangrijke kwesties een onafhankelijk bureau de mening onder de bevolking laten peilen en dan die peiling laten bepalen hoe zijn volksvertegenwoordigers zouden stemmen. Het Kiezers Collectief won in 1998 ruim 1600 kiezers (en dus geen zetels) voor dit idee. Andere nieuwkomers pleiten voor een meer conventionele vorm van directe democratie: het (bindend) referendum. Dat is het voornaamste doel van het al eerder besproken Forum voor Democratie, maar neemt ook een belangrijke plaats in het programma in van de Burger Beweging, de Vrijzinnige Partij, Nieuwe Wegen en de Piratenpartij.

Voor de rest zijn dit nogal verschillende partijen. De Burgerbeweging onderscheidt zich van andere partijen vooral door haar denkbeelden over het banksysteem – ze wil ‘eerlijk geld’ zonder rente. Daarnaast streeft ze naar een onvoorwaardelijk basisinkomen voor iedereen, maar dat heeft ze gemeen met de Vrijzinnige Partij, de (al eerder besproken) Piratenpartij en de gecombineerde ‘parasol’- lijst van de partijen Mens en Spirit, de Basisinkomenpartij en Vrede en Recht. Vooral de Vrijzinnige Partij besteedt veel aandacht aan het basisinkomen en heeft dit laten doorrekenen door het Centraal Planbureau. De partij Nieuwe Wegen richt zich niet zo duidelijk op één centraal onderwerp; de rode draad in haar programma lijkt het streven naar menselijke maat, kleinschaligheid en zekerheid, daarbij behorend een strenger immigratie- en integratiebeleid en versterking van de nationale soevereiniteit.

De overige partijen stellen weer andere kwesties centraal. De OndernemersPartij wil de belangen van kleine ondernemers en Zzp'ers behartigen en daarom de BTW en de brandstofaccijnzen verlagen. De Libertarische Partij heeft een veel breder programma: zij streeft naar afschaffing van alle subsidies en stapsgewijze privatisering van het onderwijs en vrijwel alle overheidsdiensten, zelfs van politie en justitie. Lokaal in de Kamer wil, zoals de naam al aangeeft, lokale belangen in de Tweede Kamer behartigen, maar heeft ook enkele concrete programmapunten zoals afschaffing eigen risico in de zorg, herstel van de basisbeurs voor studenten en sluiting van kerncentrales. Jezus Leeft wil abortus en euthanasie stopzetten, Nederland uit de EU halen en de samenleving groener en duurzamer maken; haar program lijkt op dat van de ChristenUnie maar is veel korter en extremer. De partij Artikel 1 stelt – evenals DENK, waar zij van afgesplitst is - gelijkwaardigheid centraal en wil bijvoorbeeld quota voor etnische minderheden, vrouwen en LHBTQIA (lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen, transgenders, queer, interseksuelen en anders-seksuelen) bij de overheid. En dan is er nog de wat zonderlinge Vrije Democratische Partij, die eveneens vrouwen en allochtonen positief wil discrimineren maar aan de andere kant homoseksuele huwelijken en subsidies voor joodse instellingen wil afschaffen.

Beperkte kansen

De meeste nieuwkomers maken weinig kans op een zetel, vanwege een gebrek aan hulpbronnen, publiciteit en populariteit van de partijleider, omdat ze zich onvoldoende kunnen profileren ten opzichte van concurrenten of een te kleine groep kiezers aanspreken. Acht van de zeventien partijen die in de Kamer proberen te komen hadden te weinig leden of aanhangers om in alle negentien kieskringen in Nederland (en een twintigste op Bonaire) voldoende ondersteuningsverklaringen te verzamelen. Deze partijen kregen ook weinig publiciteit in de reguliere media, afgezien van Artikel 1 en de partij voor Niet Stemmers. De twee laatstgenoemden danken die publiciteit minstens voor een deel aan de bekendheid van hun lijsttrekkers, de (voormalige) televisiepresentatrice Sylvana Simons respectievelijk de strafpleiter Peter Plasman. De wel in alle Nederlandse kieskringen deelnemende partijen beschikken over lijsttrekkers die relatief bekend zijn omdat ze zich als Kamerlid hebben afgescheiden van een gevestigde partij of door andere activiteiten. Zo was de lijstaanvoerder van de Ondernemers-Partij, Hero Brinkman, lid van de PVV-fractie, Norbert Klein behoorde tot 50Plus voordat hij de Vrijzinnige Partij oprichtte en de oprichter van Nieuwe Wegen, Jacques Monasch, was lid (en zelfs kandidaat-lijsttrekker) van de PvdA. Alleen de Burgerbeweging wilde bewust geen bekende lijsttrekker hebben en zette de relatief onbekende Ad Vlems, initiatiefnemer van een ecologische woongemeenschap in het Brabantse Boekel, op de eerste plaats uitsluitend omdat zijn voornaam met een A begint. Bekendheid van de lijsttrekker garandeert overigens niet altijd voldoende publiciteit. Zo kreeg de Ondernemers-Partij de afgelopen weken nauwelijks aandacht in de landelijke en regionale pers.

Conclusie: voor de kiezer is er een ruime keus op 15 maart: naast de elf gevestigde partijen lonken zeventien zeer verschillende nieuwelingen naar haar stem. Teveel misschien? Eigenlijk voldoet alleen DENK aan alle voorwaarden voor succes, terwijl het Forum voor Democratie, VNL en de Piratenpartij aardig in de buurt komen en GeenPeil, de Vrijzinnige Partij, Artikel 1 en Nieuwe Wegen als ze veel geluk hebben ook. De overige negen lijken weinig kans te maken maar kunnen het natuurlijk bij de volgende verkiezingen opnieuw proberen.

Lees meer over de deelnemende partijen bij de Tweede Kamerverkiezingen


Deze bijdrage verscheen in de Hofvijver van 27 februari 2017.