Montesquieu Institute: from science to society

Wel of geen Grexit, dat is de vraag

Edin Mujagic, monetair econoom en auteur van ‘Geldmoord: hoe de centrale banken ons geld vernietigen’ en ‘Tien jaar euro: biografie van een jonge wereldmunt’, www.geldmoord.nl

5 juli 2015, de dag dat de Grieken een referendum houden, kan de dag worden dat de Eurozone voor het eerst een land verloor. De kans dat dat echt gaat gebeuren lijkt toch wel klein, ook omdat dat het begin van het einde van de euro zou betekenen. In ieder geval zullen wel de Grieks-Europese verhoudingen voor langere tijd zeer verstoord zijn en heeft ook het vertrouwen in de muntunie - bedoeld als een een harmonieus huis - een behoorlijke deuk opgelopen. 

De laatste paar dagen was er bepaald geen tekort aan spanning in de eurozone. Eerst gingen de ministers van Financiën van de eurolanden uit elkaar zonder ook maar een millimeter dichter bij een oplossing voor de Griekse crisis te zijn gekomen. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) trok zich terug uit de onderhandelingen. Niet veel later lag er een nieuw voorstel van Athene om de impasse te doorbreken, het voorstel dat opmerkelijk positief werd ontvangen door de andere eurolanden. Toch gingen de ministers van financiën en later Staats- en regeringshoofden – het IMF zat er weer bij – onverrichter zaken uit elkaar. Er was wederom geen akkoord. Griekenland accepteerde het voorstel van de andere eurolanden niet. Het Griekse drama nam toen een hele nieuwe wending. De regering in Athene gaf aan op 5 juli een referendum te willen houden.

Of dat referendum er daadwerkelijk zou komen, dat zou het parlement in Athene bepalen. Het gevolg is dat velen een zin konden uitspreken waarvan ze dachten die nooit uit te zullen spreken, namelijk dat ze een spannende zaterdagavond en nacht hebben gehad…omdat ze de live uitzending van de zitting van het Griekse parlement volgden.

Het Grieks referendum

Dat parlement besloot op 5 juli een referendum uit te schrijven maar onduidelijkheid bleef. Hoewel het onbekend is wat de precieze vraag zal zijn, is een ding duidelijk: 5 juli 2015 kan de geschiedenisboeken ingaan als de dag waarop de eurozone voor het eerst een lidstaat verloor. De zogeheten grexit kan op die dag beginnen. Het zou mij echter niet verbazen als die grexit achterwege blijft. Het spreekwoord  `de soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend’ kan zomaar van toepassing zijn.

In de eerste plaats omdat het nog moet blijken of de Griekse bevolking op 5 juli ‘nee’ zegt tegen de euro. Volgens de huidige EU-regels betekent uit de euro treden ook uit de EU stappen, dus onder meer het einde van vrij verkeer naar de andere EU-landen. Griekenland is een netto-ontvanger in de EU, het krijgt in een normaal jaar miljarden méér van de EU dan dat het aan de EU betaalt. In de crisisjaren loopt dat voordeel alleen maar op. Het is dan ook niet vreemd dat uit allerlei peilingen keer op keer blijkt dat een meerderheid van de Grieken in de euro wil blijven.

Grexit?

En de andere eurolanden willen, ondanks alles, Griekenland in de euro houden. De reden is dat zij het risico niet aandurven dat het uittreden van Griekenland het begin van het einde van de euro zou kunnen zijn. Sinds de invoering van de euro in 1999 klinkt het dat de euro onomkeerbaar is. Als de eurolanden nu zouden toestaan dat een euroland de muntunie verlaat, dan zouden de financiële markten zeker weten dat die onomkeerbaarheid niets voorstelt. De markten zouden óók weten dat de eurolanden niet bereid zijn elkaar tegen elke prijs te steunen. Het risico bestaat dat er in dat geval speculatie ontstaat welk land Griekenland zal volgen. Die speculatie, denk aan scherpe daling van de aandelenkoersen en stijging van de rentes in het land in kwestie, zou een land als Portugal, Cyprus, Spanje of zelfs Italië over de rand van het ravijn kunnen duwen. Het is niet zeker dat een dergelijk domino-scenario zich zal ontvouwen. Dat is echter, gezien vanuit het standpunt van de politici en beleidsmakers in de eurozone, niet relevant. Het punt is dat het voor te stellen is dat de eurozone zo’n gok niet kán nemen.

Tot slot nog twee opmerkingen. Ten eerste, mocht er toch tot een grexit komen, dan is het vrijwel zeker dat alle Europese instellingen, met de Europese Centrale Bank (ECB) voorop, geen middel zullen schuwen om de rest van de eurozone te beschermen tegen de fall out van de grexit. Ten tweede: de relatie tussen Griekenland en de andere eurolanden zal voor een lange tijd slecht zijn. De Griekse onderhandelaars hebben met name de afgelopen weken met allerlei spelletjes bloed onder de nagel van de andere eurolanden gehaald. En dat gaat terug naar de kern van de muntunie: die unie zou een harmonieus, met gelach gevuld huis zijn. In de praktijk kunnen de verschillende huurders nauwelijks met elkaar door één deur. Dat belooft weinig goeds voor de toekomst van de euro. Dat de munt deze crisis overleeft, zegt dan ook niet veel, deze crisis lijkt het begin van een ellendige weg voor de euro te zijn.


Deze bijdrage verscheen in de Hofvijver van 29 juni 2015.