Leeftijd Europarlementariërs en Eurocommissarissen

1.

Leeftijd Europarlementariers en Eurocomissarissen

Zowel Europarlementariers als Eurcommissarissen zijn relatief oud. Van de 767 leden van het Europees Parlement zijn op dit moment 634 leden (82 procent) ouder dan 45 jaar. Bij de Eurocommissarissen zijn zelfs 27 van de 28 commissarissen (96 procent) ouder dan 45 jaar.

  • 1. 
    Europees Parlement

Stijgt met de levensverwachting ook de gemiddelde leeftijd van politici? In het Europees Parlement en de Europese Commissie lijkt dit het geval te zijn. In het Parlement valt maar liefst 36,6 procent van de leden in de leeftijdscategorie 55-65, en 19,9 procent is 65 jaar of ouder. Bij elkaar maakt dit dat 56,5 procent 55 jaar of ouder is. Slechts 3 procent van de parlementariërs is jonger dan 35 jaar.

De eer van de oudste parlementariër valt ten deel aan de Italiaanse christen-democraat Luigi Ciriaco De Mita; hij zag het levenslicht op 2 februari 1928 en is daarmee iets meer dan vier maanden ouder dan Jean-Marie Le Pen. De jongste europarlementariër is de Zweedse Amelia Andersdotter, een vertegenwoordiger van de Piratenpartij. Met haar 26 jaren is zij de benjamin van het Parlement.

Verhoudingsgewijs hebben Luxemburg, Litouwen, en Spanje de meeste 65+'ers (een derde), waarbij de kanttekening gemaakt moet worden dat Luxemburg en Litouwen in totaal weinig Europarlementariërs hebben (6 resp. 12).

  • 2. 
    Europese Commissie

Een analyse van de leeftijd van eurocommissarissen wijst uit dat zelfs 71,4 procent van het huidige college 55 jaar of ouder is. Geen enkele eurocommissaris is jonger dan 35 jaar; de jongste is momenteel Dacian Ciolos met een leeftijd van 44 jaar. Hij is 28 jaar jonger dan Neelie Kroes, die de oudste is van het College van Commissarissen.

In het geval van Kroes lijkt het eurocommissariaat een eindstation van een politieke carrière: van de Rotterdamse gemeenteraad, via de Tweede Kamer, werd zij staatssecretaris en minister alvorens zij, na tevens negen jaar lang president van Nijenrode te zijn geweest, twee termijnen lang de eurocommissaris namens Nederland was. Interessant is om te zien dat Ciolos juist uit de wetenschappelijke hoek komt. Hij werkte onder meer als landbouwkundig econoom en als projectcoördinator bij ontwikkelingsagentschappen in Frankrijk, alvorens hij adviseur werd van de Roemeense minister van Landbouw en gedelegeerde in de Raad van Europa. Na een korte periode (1 jaar) als minister van Landbouw, mocht hij de positie van eurocommissaris met de portefeuille landbouw en plattelandsontwikkeling innemen.