Montesquieu Institute: from science to society

Geef Ambtenaren een gezicht

Roel Bekker, bijzonder hoogleraar Universiteit Leiden

Er zijn van die zaken waar je niet tegen kunt zijn. Transparantie is een dergelijk begrip, integriteit ook en niet te vergeten draagvlak. Verantwoording zit ook in die categorie. We vinden het gewenst dat iedereen zich verantwoordt, liefst in het openbaar en het liefst ook zodanig dat er ook nog wat te genieten valt. We kunnen er niet genoeg van krijgen en accepteren graag dat verantwoording vaak gepaard gaat met dikke, onleesbare rapporten, als opmaat naar de onverbiddelijke waarheid. Verantwoordingsdag, het werd ooit gezien als de Nationale Dag van Ultieme Loutering, een dag waarop wij ineens het licht zouden zien, en dag waarop alle zonden van de overheid kenbaar zouden worden en de zondaars terechtgesteld. We genieten al bij voorbaat bij de aanblik van de bestuurder die zich eerst in duizend bochten wringt en daarna meedogenloos gedwongen wordt zijn hoed op te eten.

Merkwaardig is dat alleen topambtenaren hieraan ontsnappen. Zij hoeven zich niet te verantwoorden, althans niet in het openbaar. De minister is verantwoordelijk en incasseert alle kritiek. De enkele keer dat een topambtenaar wel eens publiekelijk wordt bekritiseerd, wordt de ambtenaar in kwestie geacht dat passief te ondergaan en zeker zich daar niet openbaar over uit te laten of te verdedigen. De theorie is dat de minister in een dergelijk geval alle schuld op zich neemt, in het openbaar voor hem op zal komen en genadeloos met de criticasters van zijn slaaf zal afrekenen. Maar ministers hebben natuurlijk vele andere belangrijke dingen te doen, dus dat schiet er wel eens bij in. Of ze doen het op een wijze waardoor de schuld toch weer bij de ambtenaar lijkt te liggen, die nog steeds niet zichtbaar of hoorbaar wordt. Voor ambtenaren geldt: stilzitten als je geschoren wordt. Er is ook geen plaats voor een een ambtelijke uiteenzetting over hoe een ingewikkeld onderwerp in elkaar zit, hoe iets gelopen is, hoe een crisis is ontstaan en opgelost. Het is altijd de minister die het heldenepos opleest.

Het lijkt me niet meer van deze tijd. Waarom zou een topambtenaar met een grote verantwoordelijkheid zich niet in het openbaar mogen en moeten verantwoorden over de wijze waarop hij zijn werk heeft gedaan? Dat geeft hem een gezicht, wat meestal een gezicht is dat het publiek meer vertrouwen geeft dan het gezicht van de minister. Onbekend maakt onbemind, dus laat zien wie dat zijn, die ambtenaren. Bovendien zal het de ambtenaar stimuleren zijn opperste best te doen, in de wetenschap dat hij zich niet kan verschuilen achter het scherm van de ministeriële verantwoordelijkheid. Revolutionair, ongehoord? Helemaal niet, er zijn heel beschaafde landen waar de SG in het parlement (bijvoorbeeld ten overstaan van de Vaste Commissie voor het Budget, of wat de naam precies is) openbaar verantwoording aflegt over het door hem gevoerde financieel beheer. Voorover ik het kan overzien heeft dan nooit tot ongelukken en vaak wel tot een goed financieel beheer geleid. Ambtenaren met een gezicht, ik ben er voorstander van.

Dit artikel verscheen in 'De Hofvijver' nr.30 d.d. 27 mei 2013.