Montesquieu Institute: from science to society

‘Dans rond porseleinkast’

Observaties bij de beginnende verkiezingscampagne

Aftellen. Voorzichtig uit de startblokken. Niveau. Jip en Janneke. Grote woorden. Kansen en risico’s. Observaties bij de beginnende verkiezingscampagne 2012, afkomstig van ‘partijenkenner’ Gerrit Voerman, directeur van het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen.

‘De verkiezingscampagne is laat en vooral langzaam op gang gekomen. Maar sinds een paar dagen is het spel voluit op de wagen.’ Vanuit het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen in Groningen volgt Gerrit Voerman de opmaat naar 12 september op de voet.

‘Het grote aftellen is begonnen’, analyseert ‘partijenkenner’ Voerman. ‘En het gaat, ondanks alle grote woorden, langs voorspelbare lijnen: Rutte (VVD) en Roemer (SP) maken er een tweegevecht van. Wilders’ PVV probeert er met een soort breekijzer tussen te komen. En de PvdA-van-Samsom kiest positie vanuit het centrum: redelijk, nuchter, netjes. Ook CDA en D66 proberen dat vanaf de tweede rang.’

‘Erg diep ging de campagne in de beginfase niet’, stelt Voerman vast. ‘Langstudeerboete – met alle respect: er zijn belangrijker zaken. Niemand had het over pensioenen, om de zorg werd al even omzichtig heengelopen en over Europa hoorden we in het begin alleen maar algemeenheden.  Het debat van gisteravond was al beter.’

Het ‘verdwijnen van diepgang’ heeft volgens Voerman ook te maken met ‘de neiging om alles terug te brengen tot het niveau van de man-in-de-straat’. Het doet hem denken aan de  ‘Jip-en-Janneke taal’ waarmee VVD-voorzitter Eenhoorn destijds campagne wilde voeren. ‘Natuurlijk moet de politiek zich begrijpelijk maken. Maar dat behoeft toch niet constant tot versimpeling te leiden?’

De campagnestrategie van de VVD beziet Voerman met ‘meer dan verwondering’. ‘Rutte heeft lang geprobeerd in de luwte te blijven. Sinds hij zich in het strijdtoneel heeft gestort, pakt hij uit met forse stellingnamen, inspelend op angstbeelden voor ‘socialisten’. Is dat niet een tikkeltje te ruig om te overtuigen?’ Ook verbaast hij zich over Rutte’s stijl: ‘Hij negeert vragen, hij ontkent wat niet te ontkennen valt en hij gaat onbeschroomd ruimhartig met de waarheid om. Hoe lang komt hij er mee weg?’

‘De SP van Roemer zit lastig’, constateert Voerman, ‘ondanks de voorspelde winst’. ‘De verwachtingen zijn  torenhoog, zodat de partij eigenlijk alleen maar kan verliezen’, zegt hij. ‘Anders dan bij de vorige verkiezingen is Roemer geen nieuweling meer. Hij is de te kloppen persoon.’

Centrumpartijen als PvdA en CDA zijn naar de inschatting van Voerman ‘niet bij voorbaat uitgeschakeld, zoals sommigen iets te gemakkelijk aannemen’. ‘Samson doet het goed. Hij weet veel, is een goede debater. Tegenover hem kan Roemer het nog wel eens lastig krijgen. Het zou me niet verbazen als de PvdA verloren terrein gaat terugwinnen.’ Dat zag Voerman bevestigt in het zgn. premiersdebat: ‘Samson houdt afzijdig van het gekissebis, om vooral een redelijke, nuchtere, zakelijke en sociale middenpositie in te nemen. Zo komt de PvdA goed door.’

Het CDA, ook in mineur, heeft volgens Voerman ‘een heldere, duidelijke boodschap’, een boodschap over gezin, samenleving en moraal, ‘een verhaal dat zich onderscheidt van de harde, materialistische benadering van de VVD en prima past bij de mensen waar het CDA het moeten hebben’.

Rondom de PVV signaleert Voerman ‘Wilders moeheid’. ‘Wilders zal veel meer moeite moeten doen om het oude peil te handhaven. Er is veel rond zijn partij gebeurd. En zijn verhaal vertoont slijtageplekken. Daarom moet Wilders hard schreeuwen, veel meer provoceren.’

Deze bijdrage verscheen in 'De Hofvijver' nr. 19 d.d. 27 augustus 2012.