Montesquieu Institute: from science to society

Nederland geen braafste jongetje van de klas bij naleving Europese regels

Lucie Spanihelova en Arco Timmermans

Premier Mark Rutte dacht als regeringsleider van Nederland wel safe te zitten bij de Europese toponderhandelingen over een onverbiddellijk begrotingstoezicht op de lidstaten van de EU. Van de vorige week in Brussel uitgezette lijn heeft ons land weinig te vrezen, zo was het idee. Een toegestaan begrotingstekort van 0,5 procent zal wel even soeverein gehaald worden. Andere landen moeten op streng financieel dieet onder supervisie van de Europese Commisie en het Hof van Justie, maar wij in Nederland zetten gewoon een tandje bij in de bezuinigingen die al bij de kabinetsformatie waren afgesproken.

Nog afgezien van de gedoogproblemen bij zulke extra bezuinigingen wekt inmiddels ook het stijgende Nederlandse tekortpercentage zorgen over de haalbaarheid van die scherpe doelstelling over de begrotingsdiscipline. Het lijkt erop dat Nederland niet alleen tevreden kan toekijken hoe met de nieuwe begrotingsregels andere landen de duimschroeven krijgen aangedraaid. Ons land zit ook zelf behoorlijk in de klem.

Er is helemaal geen reden om als regeringsleider van een minderheidscoalitie in Nederland over dit alles zo laconiek te doen. Die moet immers wel zeker weten dat we dan ook echt het goede voorbeeld kunnen geven. En daar zijn wij niet zo zeker van.

Wij hebben nagezocht hoe het zit met de naleving door Nederland van Europese regels, gekeken naar het aandeel van lidstaten in gevallen die bij het Europese Hof van Justitie zijn terechtgekomen. Dat zijn doorgaans de ernstige gevallen waarbij het niet blijft bij wat vermanende woorden vanuit de Europese Commissie. Er is gekeken naar de vijftien lidstaten waarvoor gegevens beschikbaar zijn over de periode van 1997 tot 2010.

Nederland blijkt tot de middenmoot te horen en is dus helemaal niet het braafste jongetje van de Europese klas. Het deint wat op en neer met de prestaties van ons land. Geen uitgesproken achterblijvers, maar ook niet steeds in de voorhoede. Een betrouwbaar kompas voor de komende tijd bij de begrotingsregels zien we er niet in. Soms zijn landen waar over de Europese integratie meestal lofzang klinkt in werkelijkheid minder toegewijd, zoals Duitsland en Frankrijk. Die zijn er tot nu toe politiek mee weggekomen, zoals ze ook de afgelopen weken de rest van de EU wilden voorgaan. Eurosceptische landen als Denemarken en Zweden en recent ook Finland waren tot dusver meestal goed bij de les. In Nederland lijkt het prestatieniveau bij uitvoering van Europees beleid af te nemen naarmate er in de publieke opinie en in het parlement meer kritiek op Europa doorklinkt.

Niet alleen voor onze buren maar ook voor het binnenlandse publiek is de positie van de Nederlandse regering in Europa uiterst verwarrend. Ooit waren we – of althans degenen die er iets over vonden - enthousiast zonder teveel opsmuk over de Europese integratie. Betrokken bij de oprichting en de schouders eronder. Nu is dat allemaal een stuk minder duidelijk en loopt het kabinet bij dit onderwerp electoraal gezien op eieren. Daar beweegt ons land zich ook waar het gaat om de naleving van Europese regels. Wie zo uitgesproken is over de noodzaak andere landen begrotingsdiscipline bij te brengen, die krijgt vanzelf alle ogen op zich gericht. Het kan wel eens zijn dat premier Rutte te vroeg heeft gejuicht na de Europese top in Brussel.

december 2011

Lucie Spanihelova onderzoekt bij het Montesquieu Instituut de invloed van standpunten van politieke elites en de publieke opinie op de naleving van Europese regels.

Arco Timmermans is onderzoeksdirecteur van het Montesquieu Instituut.


Deze bijdrage verscheen in de Hofvijver van 19 december 2011.