Montesquieu Institute: from science to society

Stel dumpen van vrouw in Marokko strafbaar

Het achterlaten van vrouwen in Marokko en Turkije, tegen hun wil en zonder paspoort of verblijfsvergunning, moet strafbaar worden gesteld. Vaak zijn kinderen die in Nederland zijn geboren betrokken bij deze schandalige praktijken, die vaak gepaard gaan met psychisch en fysiek geweld. Ik heb dit probleem al jaren aangekaart, schriftelijke vragen erover gesteld en menig debat gevoerd. Naar aanleiding van deze week gepubliceerde cijfers van de Marokkaanse Vrouwen Vereniging Nederland en de Stichting Steun Remigranten heb ik weer een debat aangevraagd. Daders mogen niet meer weg kunnen komen met het dumpen van vrouw en kinderen in hun land van herkomst.

Dit probleem speelt niet alleen bij Marokkanen en Turken. Bij migrantengroepen als Irakezen, Iraniërs, Pakistaanse vrouwen, meisjes en soms ook jongens, weten we niet eens om hoeveel het gaat. Daar is nog nooit onderzoek naar gedaan. Een motie van mij om dat te onderzoeken kreeg van het CDA, VVD en PVV eerder geen steun. Ik heb niet alleen een nieuw debat aangevraagd, maar de minister ook opnieuw gevraagd onderzoek hiernaar te doen.

Mijn vragen aan de minister van Veiligheid en Justitie en de minister voor Immigratie en Asiel:

  • 2. 
    Kunt u aan de hand van het aantal meldingen per jaar van ongeveer tachtig vrouwen die vanuit Nederland in Marokko zijn achtergelaten een beredeneerde schatting maken van het totale aantal vrouwen dat jaarlijks wordt achtergelaten? Zo ja, hoe groot is dit probleem volgens die schatting? Zo nee, kunt op andere wijze een indicatie geven van de omvang van het probleem?
  • 3. 
    Deelt u de mening dat achterlating de laatste jaren bij verschillende minderheidsgroeperingen afkomstig uit Irak, Iran, Pakistan enz zich voordoet? Hebt u een beeld van de omvang van dit probleem? Zo nee, bent u bereid een onderzoek hiernaar te doen?
  • 4. 
    Wat is uw mening over het feit dat vaak minderjarige kinderen bij achterlating worden betrokken en in landen van herkomst aan hun lot worden overgelaten? Deelt u de mening dat bij achterlating sprake is van een vorm van kindermishandeling, verwaarlozing? Zo ja, welke juridische mogelijkheden zijn er om ouders die zich schuldig maken aan achterlating te vervolgen vanwege kindermishandeling?
  • 5. 
    Herinnert u zich de eerdere ingediende moties, gestelde schriftelijke vragen en gevoerde debatten over achtergelaten vrouwen? Bent u bereid een overzicht van de toen aangekondigde beleidsmaatregelen om achterlating te bestrijden naar de kamer toe te zenden en daarbij aan te geven wat het effect cq resultaten zijn van de genomen maatregelen?
  • 6. 
    Bestaat de Ambtelijke werkgroep tussen het departement van V&J en de Marokkaanse justitie ambtenaren nog? Zo ja, wat zijn de werkzaamheden van deze werkgroep? Op welke manier is het probleem van achterlating van Marokkaanse vrouwen op de agenda gezet en wat is de uitkomst van de gevoerde overleggen met de Marokkaanse autoriteiten?
  • 7. 
    Is het waar dat Nederlandse justitiële autoriteiten niets kunnen doen tegen genoemde praktijken? Zo ja, waarom niet? Zo nee, welke mogelijkheden bestaan er in het kader van het Nederlands strafrecht om tegen personen die vrouwen en kinderen tegen hun wil en met valse voorwendselen in Marokko achterlaten op te treden?
  • 8. 
    Wat is uw mening over de Britse aanpak waarbij een speciaal team van hulpverleners, tot in de landen van herkomst, vrouwen in gedwongen huwelijken te hulp kan schieten? Overweegt u een dergelijke aanpak ook voor Nederland? Zo ja, hoe dan en op welke termijn? Zo nee, waarom niet?