Submenu:
Nieuws-items bij Kabinetsformatie 2010
-
23-11-2011Boek over formatie 2010: toevalligheden volgden elkaar op
-
17-02-2011Expert seminar kabinetsformatie: verschuivende regels voor een verruwd spel
-
28-10-2010Staatshoofd, regering en kabinetsformatie aan de orde bij debat over regeringsverklaring
-
28-10-2010Rutte goed door debat regeringsverklaring heen
-
14-10-2010Nieuwe bewindslieden kabinet-Rutte benoemd
-
14-10-2010Nieuwe bewindslieden kabinet-Rutte beëdigd
-
12-10-2010CDA'ers Atsma en Veldhuijzen van Zanten laatste kandidaten voor nieuwe kabinet.
-
12-10-2010Van Haersma Buma nieuwe fractievoorzitter CDA
-
11-10-2010Steeds meer namen bekend: Rosenthal naar Buitenlandse Zaken, Hillen op Defensie
-
08-10-2010Formateur Rutte ontvangt eerste kandidaat-ministers; Kamp naar SZW
-
07-10-2010Mark Rutte benoemd tot formateur
-
06-10-2010VVD en CDA akkoord over verdeling van de twaalf ministersposten
-
05-10-2010CDA-fractie zegt unaniem steun toe aan uitvoering regeerakkoord
-
02-10-2010Twee derde van CDA-congres achter regeer- en gedoogakkoord
-
30-09-2010Concept-regeerakkoord: snijden in aantal volksvertegenwoordigers
-
30-09-2010CDA-fractie schort eindoordeel over akkoorden op tot na congres
-
29-09-2010VVD- en PVV-fracties unaniem achter akkoorden
-
29-09-2010Fractievoorzitters bereiken overeenstemming over regeer- en gedoogakkoord
-
28-09-2010Besprekingen over regeer- en gedoogakkoord in afrondende fase
-
24-09-2010'Onderhandelende partijen hopen dinsdag plannen te presenteren'
Kabinetsformatie 2010 - Hoofdinhoud
De formatie van 2010 mondde na 127 dagen uit in de vorming van een minderheidskabinet-Rutte van VVD en CDA, met steun in de Tweede Kamer van de PVV. Aanvankelijk was er bij het CDA geen bereidheid om met de PVV te onderhandelen en daarom werd eerst vorming van een 'Paars-plus-'-kabinet (VVD, PvdA, D66 en GroenLinks) onderzocht. Toen bleek dat die coalitie onhaalbaar was, werd ingezet op een kabinet van VVD en CDA, met gedoogsteun van de PVV.
Achtereenvolgens traden VVD-senator Uri Rosenthal, vicepresident Herman Tjeenk Willink, het duo Rosenthal en Jacques Wallage, minister van staat Ruud Lubbers en VVD-voorzitter Ivo Opstelten op als informateurs. Op 7 september vroeg de koningin vicepresident van de Raad van State Tjeenk Willink haar op de kortst mogelijke termijn te informeren over de verdere stappen die genomen moeten worden genomen om de formatie af te kunnen ronden.
Tjeenk Willink adviseerde in zijn op 13 september uitgebrachte eindverslag om mr. I.W. Opstelten opnieuw te belasten met een onderzoek naar spoedige totstandkoming van een kabinet van VVD en CDA met steun van PVV dat kon rekenen op vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal. Die opdracht werd hem nog de zelfde dag verleend.
Op 28 september 2010 bereikten de onderhandelaars overeenstemming over een ontwerp-regeer en -gedoogakkoord. Een dag later stemden de fracties van VVD en PVV daarmee in. De fractie van het CDA schortte haar eindoordeel op tot na het CDA-congres van 2 oktober en stemde op 5 oktober unaniem voor het regeerakkoord.
Nadat informateur Opstelten zijn eindverslag had aangeboden werd in de late uren van 7 oktober Mark Rutte tot formateur benoemd. Hij rondde op 14 oktober de formatie af met de vorming van een kabinet van VVD en CDA. De formatie van 2010 duurde 127 dagen.
Na de val van het kabinet-Balkenende IV waren er op 9 juni 2010 Tweede Kamerverkiezingen. Grote winnaar was de PVV, grote verliezer het CDA. Lijsttrekker Balkenende van het CDA legde dan ook meteen het partijleiderschap neer en kondigde ook aan niet in de Tweede Kamer te gaan zitten. Maxime Verhagen werd fractievoorzitter van het CDA. De grootste partij werd de VVD.
Op 10 juni 2010 startte de Koningin met de formatie van een nieuw kabinet. Zij ontving haar vaste adviseurs. Vrijdag 11 juni ontving zij de fractievoorzitters waarna zij op basis van de gesprekken Uri Rosenthal tot informateur benoemde. Pogingen om de VVD-PVV-CDA om de tafel te krijgen mislukten. Ook verkennende gesprekken voor een VVD-PvdA-D66-GroenLinks combinatie en andere combinatie liepen aanvankelijk op niets uit. Herman Tjeenk Willink trok de formatie los en zorgde er voor dat VVD-PvdA-D66-GroenLinks toch om de tafel gingen zitten.
De gemiddelde duur van formaties was tot 2010 87 dagen.
Op maandag 5 juli 2010 startten de onderhandelingen van de vier fractievoorzitters van die partijen, onder leiding van de informateurs Uri Rosenthal en Jacques Wallage. Op 20 juli constateerden zij dat overeenstemming niet mogelijk was, vooral vanwege onverenigbare opvattingen over het te voeren bezuinigingsbeleid.
Na het eindverslag van de informateurs werd op 21 juli oud-premier Ruud Lubbers gevraagd te onderzoeken welk meerderheidskabinet kon worden gevormd en op welke wijze de formatie daarvan moest plaatsvinden. Hij bracht op 3 augustus zijn eindverslag uit, waarin hij adviseerde VVD-voorzitter Ivo Opstelten te laten onderzoeken of vorming van een kabinet van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV mogelijk was.
Na een Tweede Kamerdebat met Lubbers werd Opstelten op 4 augustus gevraagd als informateur op te treden. Na een maand werden op vrijdag 4 september de onderhandelingen zonder eindresultaat beëindigd. PVV-fractievoorzitter Wilders liet die dag weten onvoldoende zekerheid te hebben over de steun van de volledige CDA-fractie voor de samenwerking in het nieuwe kabinet.
Die onzekerheid was ontstaan, nadat onrust was ontstaan in de CDA-fractie door een kritische brief van medeonderhandelaar Ab Klink over het formatieproces. Hoewel de CDA-fractie na langdurig beraad eensgezind besloot de formatie voort te zetten, verlangde Wilders van Verhagen spijkerharde garanties dat alle fractieleden zich onvoorwaardelijk zouden binden aan de samenwerking. Dat vond Verhagen een onmogelijk te vervullen eis.
In de middag van maandag 6 september maakte Ab Klink bekend met onmiddellijke ingang te vertrekken als Tweede Kamerlid. 's Avonds begon de koningin met een nieuwe consultatieronde, die de volgende ochtend werd voortgezet. Er tekenden zich toen een (kleine) meerderheid af voor het voorstel om VVD-leider Rutte een ontwerp-regeerakkoord ('proeve') te laten schrijven. Tezelfdertijd maakte PVV-leider Wilders bekend dat hij na het vertrek van Klink weer bereid was om de onderhandelingen voort te zetten.
Na een Kamerdebat met oud-informateur Opstelten en ('savonds) een gesprek van drie uur van de koningin met Mark Rutte werd Herman Tjeenk Willink gevraagd eerst te onderzoeken welke stappen nu verder moeten worden gezet. Hij bracht daarover op 13 september verslag uit.
Op 30 september bereikten VVD, CDA en PVV onder leiding van informateur Opstelten een akkoord over een ontwerp-regeer- en gedoogakoord. In het gedoogakkoord staan afspraken tussen de drie partijen over zorg, veiligheid, asielbeleid en bezuinigingen bij de overheid. De overige onderwerpen staan in het regeerakkoord. Als bijlage bij het gedoogakkoord werd een afspraak gevoegd dat PVV en anderzijds CDA en VVD van elkaar accepteren dat zij anders denken over de aard van de islam.
Op 2 oktober stemde het CDA-congres in met het advies aan de Kamerfractie om de formatie op basis van de gesloten akkoorden voort te zetten. Twee leden van de CDA-fracties, Kathleen Ferrier en Ad Koppejan, behoorden tot het derde deel van de leden dat tegen stemde. Op het congres spraken onder anderen minister Ab Klink, oud-Kamerlid Hannie van Leeuwen en oud-premier Piet de Jong zich tegen samenwerking met de PVV uit.
De CDA-fractie besloot op 5 oktober unaniem in te stemmen met het regeer- en gedoogakkoord. De fracties van PVV en VVD hadden dat al eerder gedaan.
Een dag later bereikten de onderhandelaars van de drie fracties een akkoord over de zetelverdeling in het te vormen kabinet.
Informateur Opstelten bracht na nader overleg met de fractievoorzitters van VVD, CDA en PVV op 7 oktober zijn eindverslag uit. Dat nadere overleg was nodig, nadat door uitspraken van Ferrier en Koppejan twijfel was ontstaan over de vraag of de gehele CDA-fractie bereid was de akkoorden uit te voeren. Na een nieuwe verzekering op dat punt door fractievoorzitter Verhagen waren voor de PVV de twijfels voldoende weggenomen.
Nog in de late uren van 7 oktober werd VVD-fractievoorzitter Rutte benoemd tot formateur. Al op 8 oktober ontving hij de eerste kandidaat-ministers. Verrassende namen waren daarbij oud-informateur Rosenthal (Buitenlandse Zaken), oud-burgemeester Gerd Leers (minister voor asiel en migratie) en CDA-senator Hans Hillen (defensie). Op 12 oktober werden de namen van de laatste staatssecretarissen bekend.
De beëdiging van het nieuwe kabinet vond plaats op 14 oktober, op de 128e dag van de formatie.
formateur
![]() |
-
Drs. M. (Mark) Rutte, VVD
Mark Rutte (1967) is sinds 14 oktober 2010 minister-president en minister van Algemene Zaken. Hij is politiek leider van de VVD.
Van 29 juni 2006 tot 8 oktober 2010 was hij fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer. De heer Rutte was van 17 juni 2004 tot 28 juni 2006 staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap belast met wetenschapsbeleid, beroepsonderwijs en studiefinanciering. Daarvoor was hij bijna twee jaar staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid belast met onder andere volksverzekeringen, bijstand en arbeidsomstandigheden. De heer Rutte was eerder voorzitter van de JOVD en manager bij een werkmaatschappij van Unilever.
Informateurs
![]() |
-
Mr. I.W. Opstelten
Ivo Opstelten (1944) is vanaf 14 oktober 2010 minister van Veiligheid en Justitie. Hij was in 2008-2010 voorzitter van de VVD en in 2010 als informateur 'architect' van het kabinet-Rutte. De heer Opstelten was eerder onder meer burgemeester van Doorn, Delfzijl en Rotterdam en directeur-generaal openbare orde en veiligheid. In 2009-2010 was hij waarnemend burgemeester van Tilburg.
![]() |
-
Mr. H.D. (Herman) Tjeenk Willink, vice-voorzitter van de Raad van State
Politicus van PvdA-huize met veel gezag als topadviseur en kritisch beschouwer van het bestuur. Topambtenaar ministerie van Algemene Zaken, die optrad als secretaris van achtereenvolgende kabinetsformateurs en jarenlang adviseur was van de minister-president. Regeringscommissaris reorganisatie rijksdienst. Hoogleraar bestuurswetenschappen. Als PvdA'er lid en voorzitter van de Eerste Kamer. Bepleitte een actievere rol voor de Eerste Kamer bij de bewaking van de kwaliteit van de wetgeving. Bijna vijftien jaar vicepresident Raad van State en in die positie de voornaamste adviseur van de koningin bij kabinetsformaties. Zelf informateur in 1994, 1999 en 2010.
![]() |
-
Prof.Dr. U. (Uri) Rosenthal
Uri Rosenthal (1945) is sinds 14 oktober 2010 minister van Buitenlandse Zaken. Van 8 juni 1999 tot 14 oktober 2010 was hij Eerste Kamerlid voor de VVD en in de periode 1 mei 2005-14 oktober 2010 fractievoorzitter. De heer Rosenthal was hoogleraar bestuurskunde aan de Universiteit Leiden en voorzitter van COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement BV. In de Eerste Kamer hield hij zich bezig met het algemene regeringsbeleid. Daarnaast was hij onder meer lid van de vaste commissies voor buitenlandse zaken/defensie.
![]() |
-
Prof.Drs. J. (Jacques) Wallage
PvdA-bestuurder en politicus die van jongs af aan politiek actief was. Socioloog uit een joods middenstandsgezin. Werd al op jonge leeftijd wethouder van Groningen. In de Tweede Kamer aanvankelijk onderwijsspecialist en woordvoerder Zuid-Afrikabeleid. Goed, spreekvaardig debater. Als staatssecretaris in het derde kabinet-Lubbers, eerst van onderwijs en daarna van sociale zaken, bracht hij belangrijke wetgeving in het Staatsblad, zoals de Wet op de basisvorming en de Wet voorzieningen gehandicapten. Na een vierjarige periode fractievoorzitter te zijn geweest, werd hij burgemeester van Groningen. Stond als zodanig ruim tien jaar goed aangeschreven. Is nu bijzonder hoogleraar.
![]() |
-
Dr. R.F.M. Lubbers
Christendemocraat die twaalf jaar minister-president was en daarmee de langstzittende premier. Werd in 1973 als jonge ondernemer minister van Economische Zaken in het kabinet-Den Uyl. Na zijn ministerschap en een jaar 'gewoon' Kamerlid voorzitter van de CDA-fractie. Was vier jaar steunpilaar van het kabinet-Van Agt/Wiegel. Na het mislukte kabinet-Van Agt/Den Uyl werd hij in 1982 premier en CDA-leider. Voerde in kabinetten met de VVD een 'no-nonsence'-beleid dat zorgde voor economisch herstel en vermindering van de staatsschuld. Leidde het CDA in 1986 naar verkiezingswinst en wist die in 1989 te consolideren. Werd daarna premier van een kabinet met de PvdA. Een meester in het vinden van compromissteksten, die vaak tot stand kwamen op zijn werkkamer, het torentje. Na zijn premierschap ontging hem het voorzitterschap van de Europese Commissie en de functie secretaris-generaal van de NAVO. Werd later wel onverwacht Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, maar trad in 2005 voortijdig terug. Harde werker, manager.
![]() |
-
Drs. M. (Mark) Rutte, VVD
Mark Rutte (1967) is sinds 14 oktober 2010 minister-president en minister van Algemene Zaken. Hij is politiek leider van de VVD.
Van 29 juni 2006 tot 8 oktober 2010 was hij fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer. De heer Rutte was van 17 juni 2004 tot 28 juni 2006 staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap belast met wetenschapsbeleid, beroepsonderwijs en studiefinanciering. Daarvoor was hij bijna twee jaar staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid belast met onder andere volksverzekeringen, bijstand en arbeidsomstandigheden. De heer Rutte was eerder voorzitter van de JOVD en manager bij een werkmaatschappij van Unilever.
![]() |
-
G. (Geert) Wilders, PVV
Geert Wilders (1963) is sinds november 2006 politiek leider van de PVV. Hij is sinds 25 augustus 1998 (met een korte onderbreking in 2002) Tweede Kamerlid. Aanvankelijk was hij dat voor de VVD, maar op 2 september 2004 werd hij een onafhankelijk Kamerlid. De heer Wilders was medewerker van de afdeling Verdragen bij de Ziekenfondsraad, wetstechnisch medewerker van de Sociale Verzekeringsraad en beleidsmedewerker en speechschrijver van de VVD-Tweede Kamerfractie. Hij houdt zich behalve met het algemene regeringsbeleid bezig met buitenlandse zaken en het asielbeleid. In 2010 zat hij enige tijd in de gemeenteraad van Den Haag.
![]() |
-
Drs. M.J.M. (Maxime) Verhagen, CDA
Maxime Verhagen (1956) is sinds 14 oktober 2010 minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en tevens vicepremier. Hij is politiek leider van het CDA. Eerder was hij 22 februari 2007 tot 14 oktober 2010 minister van Buitenlandse Zaken. Sinds 23 februari 2010 behartigde hij tevens het beleid ontwikkelingssamenwerking. De heer Verhagen was in 2002-2006 (met een onderbreking) en in juni-oktober 2010 fractievoorzitter en was van 17 mei 1994 en 22 februari 2007 lid van de CDA-Tweede Kamerfractie. Hij was in de periode 1989-1994 lid van het Europees Parlement. Daarvoor was hij beleidsmedewerker van de CDA-Tweede Kamerfractie.
![]() |
-
Dr. M.J. (Job) Cohen, PvdA
Job Cohen (1947) was in 2010-2012 politiek leider van de PvdA. Hij was van 10 juni 2010 tot 20 februari 2012 fractievoorzitter in de Tweede Kamer. De heer Cohen was in 2001-2010 burgemeester van Amsterdam. Hij begon zijn loopbaan als wetenschapper en werd in 1983 hoogleraar juridisch onderwijs in Maastricht. In 1993-1994 was hij staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen in het derde kabinet-Lubbers. Daarna keerde hij terug als hoogleraar en werd hij Eerste Kamerlid. In 1996-1998 was hij voorzitter van de PvdA-senaatsfractie. In het tweede kabinet-Kok was de heer Cohen staatssecretaris van Justitie.
![]() |
-
Drs. F. (Femke) Halsema, GroenLinks
Femke Halsema (1966) was in 2002-2010 politiek leider en fractievoorzitter van GroenLinks. Zij was Tweede Kamerlid van 19 mei 1998 tot 12 januari 2011. Sinds 1 februari 2011 is zij bijzonder hoogleraar politiek in de 21e eeuw in Tilburg. Mevrouw Halsema was eerder belast met de leiding van het project Res Publica, een samenwerkingsverband van het ministerie van Binnenlandse Zaken en politiek-cultureel centrum 'De Balie' over de grondwet. Daarvoor werkte zij bij de Wiardi Beckman Stichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA. Is nu onder meer werkzaam voor De Volkskrant en gasthoogleraar in Utrecht.
![]() |
-
Drs. A. (Alexander) Pechtold, D66
Alexander Pechtold (1965) is sinds 30 november 2006 lid van de Tweede Kamerfractie van D66. Hij is fractievoorzitter en politiek leider van D66. De heer Pechtold was van 31 maart 2005 tot 3 juli 2006 minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties. Hij was in de periode 2003-2005 burgemeester van Wageningen. Hij is opgeleid als kunsthistoricus en werkte onder andere bij een veilinghuis. Van 1997 tot 2002 was hij wethouder in Leiden. De heer Pechtold was vanaf eind 2002 tot 2005 voorzitter van D66. Behalve met de algemene politieke vraagstukken houdt hij zich vooral bezig met buitenlandse zaken. Hij is ondervoorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken.
![]() |
-
E.G.M. (Emile) Roemer, SP
Emile Roemer (1962) is sinds 30 november 2006 lid van de Tweede Kamerfractie van de SP en vanaf 5 maart 2010 fractievoorzitter en politiek leider van de SP. Hij was lijsttrekker van de SP bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2010. De heer Roemer was onderwijzer en wethouder van Boxmeer. Verder was hij voorzitter van de SP in Noord-Brabant. Hij was woordvoerder verkeer en waterstaat.
![]() |
-
Mr. A. (André) Rouvoet, ChristenUnie
André Rouvoet (1962) was van 22 februari 2007 tot 14 oktober 2010 minister voor Jeugd en Gezin en viceminister-president. Van 23 februari tot 14 oktober 2010 was hij tevens minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Van november 2002 tot april 2011 was de heer Rouvoet politiek leider van de ChristenUnie. Hij was van 17 mei 1994 tot 22 februari 2007 en van 17 juni 2010 tot 19 mei 2011 Tweede Kamerlid, eerst voor de RPF en vanaf 13 mei 2001 voor de ChristenUnie. De heer Rouvoet was in 1989-1994 directeur van de Marnix van Sint Aldegonde Stichting, het wetenschappelijk bureau van de RPF, en tevens docent aan de Evangelische School voor Journalistiek. Sinds 1 februari 2012 is hij voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland.
![]() |
-
Mr. C.G. (Kees) van der Staaij, SGP
Kees van der Staaij (1968) is sinds 19 mei 1998 lid van de Tweede Kamerfractie van de SGP. Bij de verkiezingen van 9 juni is hij lijsttrekker. De heer Van der Staaij was adjunct-chefjurist bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In de Tweede Kamer houdt hij zich bezig met algemene zaken, justitie, binnenlandse zaken, Koninkrijksrelaties, buitenlandse zaken, Europese zaken, ontwikkelingssamenwerking, defensie, volksgezondheid, welzijn en sport, immigratie en asiel. Hij was lid van de parlementaire enquêtecommissie bouwnijverheid.
![]() |
-
Mr. M.L. (Marianne) Thieme, PvdD
Marianne Thieme (1972) is sinds 30 november 2006 fractievoorzitter van de PvdD in de Tweede Kamer. Van 24 januari tot 14 mei 2012 was zij met zwangerschaps- en bevallingsverlof. In 2006 en 2010 was zij lijsttrekker van haar partij en tot november 2010 was zij tevens partijvoorzitter. Mevrouw Thieme werkte onder meer bij de Stichting Bont voor Dieren en de Stichting Wakker Dier.
![]() |
-
Drs. P.R.H.M. (René) van der Linden, voorzitter van de Eerste Kamer
René van der Linden (1943) is sinds juni 1999 Eerste Kamerlid voor het CDA. Van 6 oktober 2009 tot 28 juni 2011 was hij voorzitter van de Eerste Kamer. De heer Van der Linden begon zijn loopbaan als ambtenaar in Brussel en was in 1977-1986 en 1988-1998 Tweede Kamerlid. In het tweede kabinet-Lubbers was hij twee jaar staatssecretaris voor Europese Zaken. Ook in beide Kamers hield hij zich veelal met Europese aangelegenheden bezig en daarnaast was hij woordvoerder landbouw. In de periode 2005-2009 was hij voorzitter van de parlementaire vergadering van de Raad van Europa.
![]() |
-
G.A. (Gerdi) Verbeet, voorzitter van de Tweede Kamer
Gerdi Verbeet (1951) is sinds 6 december 2006 voorzitter van de Tweede Kamer. Zij is sinds 26 juli 2002 lid van de Tweede Kamerfractie van de PvdA. Eerder was zij dat van 11 december 2001 tot 23 mei 2002. Mevrouw Verbeet was politiek adviseur van staatssecretaris Netelenbos en van PvdA-fractievoorzitter Melkert. Daarvoor was zij werkzaam in het onderwijs, met name in het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie. Verder organiseerde zij voorlichtingscampagnes voor de overheid, die gericht waren op vergroting van het aantal vrouwen in leidinggevende functies in het onderwijs. In de Tweede Kamer hield zij zich vooral bezig met sport, ouderenbeleid, de AOW, en beleid voor oorlogsgetroffenen. Zij was ondervoorzitter van de vaste commissie voor Justitie en van de themacommissie ouderenbeleid.
![]() |
-
Mr. H.D. (Herman) Tjeenk Willink, vice-voorzitter van de Raad van State
Politicus van PvdA-huize met veel gezag als topadviseur en kritisch beschouwer van het bestuur. Topambtenaar ministerie van Algemene Zaken, die optrad als secretaris van achtereenvolgende kabinetsformateurs en jarenlang adviseur was van de minister-president. Regeringscommissaris reorganisatie rijksdienst. Hoogleraar bestuurswetenschappen. Als PvdA'er lid en voorzitter van de Eerste Kamer. Bepleitte een actievere rol voor de Eerste Kamer bij de bewaking van de kwaliteit van de wetgeving. Bijna vijftien jaar vicepresident Raad van State en in die positie de voornaamste adviseur van de koningin bij kabinetsformaties. Zelf informateur in 1994, 1999 en 2010.
-
de procedure
Als een kabinet zijn ontslag heeft ingediend na Tweede-Kamerverkiezingen of na een kabinetscrisis moet er een nieuw kabinet worden geformeerd. In principe moet een kabinet op een meerderheid van de Tweede Kamer kunnen steunen.
-
de (in)formatur
De kabinetsformatie is in vier fasen te onderscheiden: onderzoeken welke coalitie mogelijk is, programvorming (opstellen regeerakkoord), de portefeuilleverdeling en de invulling van de personele bezetting. Er is niet noodzakelijk een duidelijke scheidslijn waar de ene fase ophoudt en de andere begint. Hetzelfde geldt voor het werk van de informateur en de formateur.
- schematische weergave van een formatie
- de duur van formaties
-
in najaar 2006 -begin 2007: kabinet Balkenende IV
Op 22 november 2006 waren er Tweede Kamerverkiezingen. Nadat het CDA, PvdA en ChristenUnie onder leiding van informateur Herman Wijffels een regeerakkoord onder het motto 'Samen werken, samen leven' hadden opgesteld, benoemde de Koningin op 9 februari 2007 Jan Peter Balkenende tot formateur. Op 22 februari 2007 presenteerde hij zijn nieuwe kabinet, het kabinet-Balkenende IV.
-
in juli 2006: kabinet-Balkenende III na de 'Ayaan-crisis'
Nadat op 29 juni 2006 de D66-Tweede Kamerfractie het vertrouwen in uit het kabinet-Balkenende II had opgezegd, trokken de D66-ministers zich terug. De andere ministers stelden hun portefeuille ter beschikking. Op 30 juni 2006 werd het kabinet-Balkenende demissionair.
-
in 2003: kabinet-Balkenende II na Tweede Kamerverkiezingen als gevolg van de 'LPF-crisis'
Nadat op 20 mei 2003 demissionair premier Balkenende belast was met de vorming van een kabinet van CDA, VVD en D66, kon hij op 27 mei 2003 zijn tweede kabinet presenteren. Op 14 mei hadden de partijen onder leiding van de informateurs Hoekstra en Korthals Altes overeenstemming bereikt over een regeerakkoord. De informateurs waren op 15 april aangewezen, na het mislukken van een poging om een kabinet van CDA en PvdA te vormen.
-
in 2002: kabinet-Balkenende I na de reguliere Tweede Kamerverkiezingen en de Srebrenica-crisis
Onmiddellijk na de verkiezingen op 15 mei 2002 ontving Koningin Beatrix haar vaste adviseurs en vervolgens de fractievoorzitters uit de Tweede Kamer. Op basis van de haar gegeven adviezen benoemde zij Donner (CDA) tot informateur. Na onderhandelingen met de fractievoorzitters van CDA, LPF en VVD kwam een 'strategisch akkoord' tot stand.
















