RAAD VANBrussel, 18 december 2006 (17.01)
(OR. en)
DE EUROPESE UNIE
16903/06
Interinstitutioneel dossier:
2006/0183 (COD)
TRANS 340 CODEC 1577
RESULTAAT BESPREKINGEN
van:
het secretariaat-generaal van de Raad
aan: de delegaties
nr. Comv.: 13869/06 TRANS 259 CODEC 1096
Betreft: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de installatie van spiegels op bestaande in de Gemeenschap geregistreerde vrachtwagens
-
-Algemene oriëntatie
Voor de delegaties gaat in bijlage dezes de tekst van de ontwerp-richtlijn zoals die eruitziet na het
door de Raad (Vervoer, Telecommunicatie en Energie) op 12 december 2006 bereikte akkoord over
BIJLAGE
VOORSTEL VOOR EEN RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE
RAAD
betreffende de installatie van spiegels op bestaande in de Gemeenschap geregistreerde
vrachtwagens1
HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 71,
lid 1, onder c,
Gezien het voorstel van de Commissie2,
Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité3,
Gezien het advies van het Comité van de Regio's4,
Handelend volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag5,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) Een aantal ongevallen wordt veroorzaakt door vrachtwagenbestuurders die zich er niet bewust
van zijn dat andere weggebruikers zich zeer dichtbij of naast hun voertuig bevinden. Deze
(2) In het Witboek van 12 september 2001 "Het Europese vervoersbeleid tot het jaar 2010: Tijd
om te kiezen"6 heeft de Commissie de doelstelling naar voren geschoven om het aantal
verkeersslachtoffers tegen 2010 met de helft terug te dringen. In haar derde Europees actie-
programma voor verkeersveiligheid7 heeft de Commissie zich ertoe verbonden te onder-
zoeken of ook bestaande vrachtwagens kunnen worden uitgerust met systemen voor indirect
zicht om de dode hoek weg te nemen en het aantal verkeersslachtoffers terug te dringen.
(3) In het eindrapport van zijn 10-jarenactieplan "A Competitive Automotive Regulatory System
for the 21st century" pleit de CARS 21 groep op hoog niveau voor een geïntegreerd verkeers-
veiligheidsbeleid dat ook de verplichte invoering omvat van nieuwe veiligheidssystemen,
zoals spiegels, om de dode hoek bij vrachtwagens te verkleinen.
(4) Richtlijn 2003/97/EG van het Europees Parlement en de Raad van 10 november 2003
betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake de
typegoedkeuring van inrichtingen voor indirect zicht en van voertuigen met deze inrichtingen,
tot wijziging van Richtlijn 70/156/EEG en tot intrekking van Richtlijn 71/127/EEG8, zal
weliswaar leiden tot een sterke daling van het aantal slachtoffers, maar is alleen van
toepassing op nieuw ingeschreven voertuigen.
(5) Voertuigen die reeds in gebruik zijn, vallen niet onder de bepalingen van Richtlijn
2003/97/EG. Het duurt waarschijnlijk nog tot 2023 eer al deze voertuigen zijn vervangen.
(8) Het is evenwel passend en evenredig een uitzondering te maken voor voertuigen
waarvan de resterende levensduur te kort is, voertuigen die zijn uitgerust met zijspiegels
met een gezichtsveld dat slechts een fractie kleiner is dan het in Richtlijn 2003/97/EG
voorgeschreven gezichtsveld, en voertuigen waarvoor het economisch niet haalbaar is
ze uit te rusten met spiegels die aan die richtlijn voldoen.
(8 bis) Voertuigen van de categorieën N
2 en N
3 die oorspronkelijk meer dan 10 jaar voor de
datum van omzetting van deze richtlijn zijn ingeschreven en die voornamelijk vanwege
hun historisch belang worden geëxploiteerd, moeten niet onder de in deze richtlijn
vervatte voorschriften en procedures vallen.
(9) Voor het aandeel vrachtwagens dat om technische redenen niet volledig aan de
voorschriften van deze richtlijn voldoet, moeten de bevoegde autoriteiten alternatieve
oplossingen toestaan en goedkeuren. In dergelijke gevallen wordt de lidstaten verzocht
de Commissie lijsten van toegestane en goedgekeurde technische oplossingen mee te
delen. De Commissie stelt die vervolgens ter beschikking van de lidstaten.
(10) Om de markt de kans te bieden in te spelen op de zeer grote vraag naar spiegels
gedurende een zeer korte periode, dient te worden voorzien in overgangsperiodes.
(11) Vrachtwagens die vóór de data van omzetting van Richtlijn 2003/97/EG werden
uitgerust met systemen voor indirect zicht, die het bij die richtlijn vereiste gezichtsveld
(13) Richtlijn 96/96/EG voorziet in periodieke technische controle, ten minste jaarlijks, van
motorvoertuigen voor goederenvervoer met een toegestane maximummassa van meer dan
3500 kg. Om de technische keuring te doorstaan, moeten vrachtwagens onder meer uitgerust
zijn met achteruitkijkspiegels die aan de voorschriften van deze richtlijn voldoen. De
keuringsbewijzen die de lidstaten afgeven voor op hun grondgebied geregistreerde voertuigen
worden wederzijds erkend met het oog op het vrije verkeer van die voertuigen op de wegen
van de lidstaten.
(14) Daar de doelstellingen van het overwogen optreden, namelijk de installatie van spiegels op
bestaande vrachtwagens in de Gemeenschap, niet voldoende door de lidstaten kunnen worden
verwezenlijkt en derhalve vanwege de omvang en de gevolgen van het optreden beter door de
Gemeenschap kunnen worden verwezenlijkt, kan de Gemeenschap overeenkomstig het in
artikel 5 van het EG-Verdrag neergelegde subsidiariteitsbeginsel maatregelen treffen.
Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze
richtlijn niet verder dan wat voor de verwezenlijking van die doelstellingen noodzakelijk is.
(15) Overeenkomstig punt 34 van het interinstitutioneel akkoord "Beter wetgeven" spoort de Raad
de lidstaten ertoe aan voor zichzelf en in het belang van de Gemeenschap hun eigen tabellen
op te stellen, die, voor zover mogelijk, het verband weergeven tussen deze richtlijn en de
omzettingsmaatregelen, en deze openbaar te maken,
Artikel 1
Bij deze richtlijn worden normen vastgesteld voor de uitrusting van in de Gemeenschap
ingeschreven voertuigen van de categorieën N
2 en N
3 als bedoeld in Richtlijn 70/156/EEG van de
Raad met systemen voor indirect zicht.
Artikel 2
-
1.Deze richtlijn is van toepassing op voertuigen van de categorieën N
2 en N
3 als bedoeld in
punt 2 van bijlage II bij Richtlijn 70/156/EEG welke niet beschikken over een type-
goedkeuring of een goedkeuring als één enkel voertuig uit hoofde van Richtlijn 2003/97/EG
vallen9.
-
2.Deze richtlijn is niet van toepassing op:
-
a)Voertuigen van de categorieën N
2 en N
3 die voor 1 januari 2000 zijn ingeschreven.
-
b)Voertuigen van de categorie N
2 met een maximale totale toelaatbare massa van niet
meer dan 7,5 ton, waarop het onmogelijk is een spiegel van klasse V te monteren en aan
de volgende voorwaarden te voldoen:
-
c)Voertuigen van de categorieën N
2 en N
3 die vallen onder nationale maatregelen die voor
de data van omzetting van Richtlijn 2003/97/EG van kracht zijn geworden, en die aan
de passagierszijde zijn uitgerust met andere systemen voor indirect zicht die toelaten
minstens 95% van het in de richtlijn voor spiegels van klasse IV en V voorgeschreven
totale gezichtsveld op grondniveau te overzien.
Artikel 3 bis
(1) De lidstaten zorgen ervoor dat alle in artikel 2 bedoelde voertuigen aan de passagierszijde zijn
uitgerust met breedte- en trottoirspiegels die voldoen aan de respectieve voorschriften voor
spiegels van klasse IV en V van Richtlijn 2003/97/EG.
(2) Bij wijze van uitzondering wordt ervan uitgegaan dat aan de bepalingen van deze richtlijn is
voldaan wanneer het voertuig aan de passagierszijde is uitgerust met breedte- en trottoir-
spiegels waarmee ten minste 95% van het in Richtlijn 2003/97/EG voor spiegels van
klasse IV en van klasse V bedoelde totale gezichtsveld op grondniveau en ten minste 85% van
het gezichtsveld op grondniveau voor een spiegel van klasse V kan worden overzien.
(3) Voertuigen als bedoeld in artikel 2, die bij gebrek aan economisch haalbare technische
oplossingen niet kunnen worden uitgerust met spiegels die aan de artikelen 3 bis, lid 1 of 2,
van deze richtlijn voldoen, mogen worden uitgerust met extra spiegels en/of andere systemen
voor indirect zicht, indien met de combinatie van deze systemen ten minste 95% van het in
Richtlijn 2003/97/EG voor spiegels van klasse IV en van klasse V bedoelde totale gezichts-
veld op grondniveau en ten minste 85% van het gezichtsveld op grondniveau voor een spiegel
van klasse V kan worden overzien.
De lidstaten delen de Commissie een lijst mee van technische oplossingen die aan dit artikel
voldoen. De Commissie stelt die lijsten ter beschikking van de lidstaten.
Artikel 3 ter
De naleving van de in artikel 3 bis, leden 1, 2 en 3 genoemde verplichtingen wordt bevestigd door
het bewijs dat door een lidstaat wordt afgegeven overeenkomstig artikel 3 van Richtlijn 96/96/EG
van 20 december 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten
inzake de technische controle van motorvoertuigen en aanhangwagens.
De Commissie, bijgestaan door de comités bedoeld in artikel 8 van Richtlijn 96/96/EG van de Raad
en artikel 13, lid 1, van Richtlijn 70/156/EEG van de Raad, op hun respectieve bevoegdheids-
gebieden, nemen passende maatregelen om ervoor te zorgen dat in artikel 3 bis genoemde uitrusting
wordt geïnstalleerd en technisch gekeurd in overeenstemming met de voorschriften van deze
Artikel 3 quater
De lidstaten voldoen uiterlijk twee jaar na de in artikel 5 genoemde datum aan de verplichtingen in
artikel 3 bis, leden 1, 2 en 3.
Artikel 5
-
1.De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden
om uiterlijk één jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn aan deze richtlijn te voldoen.
Zij delen de Commissie de tekst van die bepalingen onverwijld mede.
Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar deze richtlijn
verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van de bepalingen. De
regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
-
2.De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht
mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.
Artikel 6
Deze richtlijn treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het
Publicatieblad van de Europese Unie.
Artikel 7
Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel op
Voor het Europees Parlement Voor de Raad
De Voorzitter De Voorzitter
___________________
| publication date | 18-12-2006 |
|---|---|
| reference | 16903/06 |
