Voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad tot aanpassing van de financiële vooruitzichten 2000-2006 - Hoofdinhoud
RAAD VANBrussel, 18 oktober 2004 (25.10)
(OR. en)
DE EUROPESE UNIE
13517/04
FIN 445
INGEKOMEN DOCUMENT
van:
mevrouw Patricia BUGNOT, directeur, namens de secretaris-generaal van de Europese Commissie
ingekomen: 15 oktober 2004
aan: de heer Javier SOLANA, secretaris-generaal/hoge vertegenwoordiger
Betreft: Voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad tot aanpassing van de financiële vooruitzichten 2000-2006
Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument COM(2004) 666 def.
________________________
Bijlage: COM(2004) 666 def.
COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN
Brussel, 13.10.2004 COM(2004) 666 definitief
Voorstel voor een
BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
tot aanpassing van de financiële vooruitzichten 2000-2006
TOELICHTING
Rubriek 1 - Landbouw
In het kader van de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) waaraan de Raad in september 2003 zijn goedkeuring heeft gehecht
1, zullen de rechtstreekse
betalingen worden verlaagd (modulatie) om beleidsmaatregelen inzake
plattelandsontwikkeling te financieren. Voor een beter evenwicht tussen de
beleidsinstrumenten die op bevordering van duurzame landbouw zijn gericht en die welke bevordering van de plattelandsontwikkeling tot doel hebben, alsmede om de extra maatregelen op het gebied van plattelandsontwikkeling te financieren, dient voor de hele Gemeenschap op verplichte basis een systeem te worden ingevoerd waarbij de rechtstreekse betalingen in de jaren 2005 tot en met 2012 geleidelijk worden verlaagd.
Alle rechtstreekse betalingen van meer dan 5 000 EUR worden jaarlijks met een bepaald percentage verlaagd. De besparingen die daaruit voortvloeien, worden gebruikt om extra maatregelen op het gebied van plattelandsontwikkeling te financieren en worden volgens objectieve criteria over de lidstaten verdeeld. Het modulatiepercentage bedraagt in 2005 3% van de bedragen die aan landbouwers worden verstrekt, in 2006 4% en in de periode 2007-2012 5%.
Een deel van de vastleggingskredieten die in subrubriek 1a (gemeenschappelijk landbouwbeleid) van de financiële vooruitzichten zijn opgenomen voor rechtstreekse betalingen, moet dus worden overgeheveld naar subrubriek 1b (plattelandsontwikkeling). Dit heeft echter geen gevolgen voor het totale maximum van rubriek 1, omdat het om een budgettair neutrale operatie binnen de beide subrubrieken gaat.
Het eerste jaar (kalenderjaar 2005 = begrotingsjaar 2006) van deze overheveling is tevens het laatste jaar van de huidige financiële vooruitzichten.
De modulatie is niet van toepassing op de nieuwe lidstaten gedurende de periode van de geleidelijke invoering van de rechtstreekse betalingen.
Omdat het totale maximum van rubriek 1 niet verandert, stelt de Commissie voor om in de overzichten van de financiële vooruitzichten voor 2006 bij rubriek 1 de volgende voetnoot in
te voegen:
"De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en binnen de grenzen van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad".
Met deze wijziging van de financiële vooruitzichten kan de Commissie bij het opstellen van het voorontwerp van begroting 2006 uitgaan van de GLB-hervorming van 2003.
Rubriek 2 Structurele maatregelen
Voor de consolidatie van het vredesproces in Noord-Ierland, waaraan het Peace-programma in de periode 2000-2004 een wezenlijke en originele bijdrage heeft geleverd, is nog steeds financiële steun van de Gemeenschap nodig gedurende de resterende periode van de financiële vooruitzichten 2000-2006. De Europese Raad van 17 en 18 juni 2004 heeft de Commissie opgeroepen om te onderzoeken of het mogelijk is om interventies uit hoofde van het programma PEACE II te doen aansluiten op andere structurele maatregelen die in 2006 aflopen, met inbegrip van de financiële implicaties.
Vanwege het bijzondere karakter van de subrubriek "Structuurfondsen" van de financiële vooruitzichten en vanwege het ontbreken van een marge in deze subrubriek, moet voor de extra uitgaven voor Peace-II voor 2005 en 2006 het maximum van de vastleggingskredieten van de subrubriek "Structuurfondsen" worden verhoogd met het bedrag van deze extra uitgaven. Deze bedragen zijn opgenomen in Verordening nr. ..../.... van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1260/1999 van 21 juni 1999 houdende algemene bepalingen inzake de structuurfondsen en moeten worden toegevoegd aan de huidige vastleggingskredieten van de subrubriek "Structuurfondsen".
In overeenstemming met artikel 2 van Verordening (EG) nr. 1164/94 tot oprichting van een Cohesiefonds, heeft de Commissie een tussenbalans opgesteld. De verordening bepaalt dat lidstaten met een bruto nationaal product (BNP) per hoofd van de bevolking van meer dan 90 % van het communautaire gemiddelde, berekend op basis van koopkrachtpariteit, het recht op bijstand uit het Fonds voor nieuwe projecten verliezen. Op basis daarvan werd in de tussenbalans geconcludeerd dat Ierland vanaf 2004 niet langer in aanmerking kwam voor bijstand uit het Cohesiefonds. De financiële gevolgen van het feit dat Ierland niet langer een beroep kan doen op het Cohesiefonds worden uiteengezet in een mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement.
De Commissie stelt daarom in verband met de voortzetting van het Peace-programma en het feit dat Ierland niet langer in aanmerking komt voor bijstand uit het Cohesiefonds, voor om:
-
-het maximum voor de vastleggingskredieten van de subrubriek "Structuurfondsen" te verhogen, dat van de subrubriek "Cohesiefonds" te verlagen en het maximum van rubriek 2 "Structurele maatregelen" dienovereenkomstig, tegen de prijzen van 1999, aan te passen voor 2005 en 2006;
Voorstel voor een
BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
tot aanpassing van de financiële vooruitzichten 2000-2006
HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op het interinstitutioneel akkoord (IIA) van 6 mei 1999 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en de verbetering van de begrotingsprocedure, en met name op de punten 19, 20 en 21
3,
Gezien het voorstel van de Commissie4,
Overeenkomstig de procedure van artikel 272, lid 9, vijfde alinea, van het Verdrag5,
Overwegende hetgeen volgt:
(1) In het kader van de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, waaraan de Raad in september 2003
6 zijn goedkeuring heeft gehecht, zullen de rechtstreekse
betalingen worden verlaagd (modulatie) om beleidsmaatregelen inzake
plattelandsontwikkeling te financieren, om een beter evenwicht tot stand te brengen tussen de beleidsinstrumenten die op bevordering van duurzame landbouw zijn gericht en die welke bevordering van de plattelandsontwikkeling tot doel hebben, alsmede om extra maatregelen op het gebied van plattelandsontwikkeling te financieren. Daarom moeten de financiële vooruitzichten die zijn opgenomen in bijlage I bij het interinstitutioneel akkoord over de begrotingsdiscipline en de verbetering van de begrotingsprocedure, zoals gewijzigd bij Besluit 2003/430/EG van het Europees Parlement en de Raad
geleverd aan het vredesproces in Noord-Ierland. Voor de consolidatie van dit vredesproces is ook gedurende de resterende periode van de financiële vooruitzichten financiële steun van de Gemeenschap nodig. Vanwege het bijzondere karakter van de subrubriek "Structuurfondsen" van de financiële vooruitzichten en vanwege het ontbreken van een marge in deze subrubriek, moet voor de extra uitgaven voor het Peace-programma het maximum van de vastleggingskredieten worden verhoogd met de bedragen die in Verordening nr. 1260/1999 als gewijzigd bij Verordening (EG) nr. [...] zijn vastgesteld. Deze aanpassing moet ook worden verwerkt in het maximum van rubriek 2 "Structurele maatregelen".
(3) In overeenstemming met artikel 2 van Verordening (EG) nr. 1164/94 van 16 mei 1994 tot oprichting van een Cohesiefonds
9, heeft de Commissie een tussenbalans opgemaakt
en geconcludeerd dat Ierland vanaf 2004 niet langer in aanmerking komt voor bijstand uit het Cohesiefonds. In financieel opzicht heeft dit tot gevolg dat de totale vastleggingskredieten in de periode 2004 tot 2006 worden verlaagd met 164 miljoen euro (1999-prijzen)
-
10.De financiële vooruitzichten moeten daarom worden aangepast,
waarbij de vastleggingskredieten in de subrubriek "Cohesiefonds" dienovereenkomstig worden verlaagd. Deze aanpassing moet ook worden verwerkt in het maximum van rubriek 2 "Structurele maatregelen".
BESLUITEN:
Artikel 1
De financiële vooruitzichten die zijn opgenomen in bijlage I bij het interinstitutioneel akkoord over de begrotingsdiscipline en de verbetering van de begrotingsprocedure, zoals gewijzigd bij Besluit 2003/430/EG van het Europees Parlement en de Raad, worden als volgt aangepast:
-
1.In rubriek 1 "Landbouw" van de tabellen 1a, 1b, 2a en 2b wordt de volgende voetnoot toegevoegd aan de kolom betreffende 2006:
"De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en binnen de grenzen van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad".
Extra bedragen in subrubriek "Structuurfondsen" voor het Peace-II programma 2005 2006
miljoen EUR tegen 1999-prijzen +53 +52
miljoen EUR tegen 2005-prijzen +60 +59
(b) het bedrag voor de subrubriek "Cohesiefonds" wordt in 2005 en 2006 verlaagd met de bedragen die niet worden besteed omdat Ierland vanaf 2004 niet langer in aanmerking komt voor bijstand uit het Cohesiefonds:
Verlaagde bedragen in subrubriek "Cohesiefonds" voor Ierland 2005 2006
miljoen EUR tegen 1999-prijzen -55 -54
miljoen EUR tegen 2005-prijzen -61 -60
(c) dit leidt tot de volgende geconsolideerde wijziging van de
vastleggingskredieten van rubriek 2 "Structurele maatregelen":
Wijziging in rubriek 2 "Structurele maatregelen" 2005 2006
miljoen EUR tegen 1999-prijzen -2 -2
miljoen EUR tegen 2005-prijzen -1 -1
Artikel 2
BIJLAGE
TABEL 1a: AANGEPASTE FINANCIËLE VOORUITZICHTEN (EU-25) TEGEN 1999-PRIJZEN
(miljoen EUR)
VASTLEGGINGSKREDIETEN2000200120022003200420052006
-
1.LANDBOUW40.92042.80043.90043.77044.65745.67745.807
1a Gemeenschappelijk landbouwbeleid36.62038.48039.57039.43038.73739.60239.612
1b Plattelandsontwikkeling4.3004.3204.3304.3405.9206.0756.195
-
2.STRUCTURELE MAATREGELEN32.04531.45530.86530.28535.66536.50037.938
Structuurfondsen29.43028.84028.25027.67030.53331.88832.660
Cohesiefonds2.6152.6152.6152.6155.1324.6125.278
-
3.INTERN BELEID5.9306.0406.1506.2607.8778.0988.212
-
4.EXTERN BELEID4.5504.5604.5704.5804.5904.6004.610
-
5.ADMINISTRATIE (2)4.5604.6004.7004.8005.4035.5585.712
-
6.RESERVES 900900650400400400400
Monetaire reserve500500250
Reserve voor noodhulp200200200200200200200
Reserve voor garanties200200200200200200200
-
7.PRETOETREDINGSSTRATEGIE3.1203.1203.1203.1203.1203.1203.120
Landbouw520520520520
Pretoetredingsinstrument voor het structuurbeleid1.0401.0401.0401.040
PHARE (kandidaat-landen)1.5601.5601.5601.560
-
8.COMPENSATIES1.2731.173940
TOTAAL VASTLEGGINGSKREDIETEN92.02593.47593.95593.215102.985105.126106.739
TOTAAL BETALINGSKREDIETEN89.60091.11094.22094.880100.800101.600103.840
Maximum, betalingskredieten in % van het BNI (ESR 95)1,07%1,07%1,10%1,11%1,11%1,08%1,07%
Marge voor onvoorziene uitgaven0,17%0,17%0,14%0,13%0,13%0,16%0,17%
Maximum eigen middelen1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%
(1) De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en het tijdschema van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad.
(2) De pensioenuitgaven die onder het maximum van deze rubriek vallen, zijn berekend zonder de bijdragen van het personeel in de pensioenregeling, binnen de limiet van 1,1 miljard euro tegen de prijzen van 1999 voor de periode 2000-2006.
TABEL 1b: AANGEPASTE FINANCIËLE VOORUITZICHTEN (EU-25) TEGEN 1999-PRIJZEN
(inclusief begrotingsgevolgen van een politieke regeling op Cyprus)
(miljoen EUR)
VASTLEGGINGSKREDIETEN2000200120022003200420052006
-
1.LANDBOUW40.92042.80043.90043.77044.65045.67545.805(1)
1a Gemeenschappelijk landbouwbeleid36.62038.48039.57039.43038.74039.61139.622
1b Plattelandsontwikkeling4.3004.3204.3304.3405.9106.0646.183
-
2.STRUCTURELE MAATREGELEN32.04531.45530.86530.28535.71836.57738.050
Structuurfondsen29.43028.84028.25027.67030.57131.95232.755
Cohesiefonds2.6152.6152.6152.6155.1474.6255.295
-
3.INTERN BELEID5.9306.0406.1506.2607.8918.1128.226
-
4.EXTERN BELEID4.5504.5604.5704.5804.5904.6004.610
-
5.ADMINISTRATIE (2)4.5604.6004.7004.8005.4035.5585.712
-
6.RESERVES 900900650400400400400
Monetaire reserve500500250
Reserve voor noodhulp200200200200200200200
Reserve voor garanties200200200200200200200
-
7.PRETOETREDINGSSTRATEGIE3.1203.1203.1203.1203.1203.1203.120
Landbouw520520520520
Pretoetredingsinstrument voor het structuurbeleid1.0401.0401.0401.040
PHARE (kandidaat-landen)1.5601.5601.5601.560
-
8.COMPENSATIES1.2731.173940
TOTAAL VASTLEGGINGSKREDIETEN92.02593.47593.95593.215103.045105.216106.863
TOTAAL BETALINGSKREDIETEN89.60091.11094.22094.880100.800101.600103.840
Maximum, betalingskredieten in % van het BNI (ESR 95)1,07%1,07%1,10%1,11%1,11%1,08%1,07%
Marge voor onvoorziene uitgaven0,17%0,17%0,14%0,13%0,13%0,16%0,17%
Maximum eigen middelen1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%
(1) De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en het tijdschema van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad.
(2) De pensioenuitgaven die onder het maximum van deze rubriek vallen, zijn berekend zonder de bijdragen van het personeel in de pensioenregeling, binnen de limiet van 1,1 miljard euro tegen de prijzen van 1999 voor de periode 2000-2006.
TABEL 2a: AANGEPASTE FINANCIËLE VOORUITZICHTEN (EU-25) TEGEN LOPENDE PRIJZEN
(miljoen EUR)Lopende prijzen2005-prijzen
VASTLEGGINGSKREDIETEN2000200120022003200420052006
-
1.LANDBOUW41.73844.53046.58747.37849.30551.43951.587(1)
1a Gemeenschappelijk landbouwbeleid37.35240.03541.99242.68042.76944.59844.610
1b Plattelandsontwikkeling4.3864.4954.5954.6986.5366.8416.977
-
2.STRUCTURELE MAATREGELEN32.67832.72033.63833.96841.03542.44043.700
Structuurfondsen30.01930.00530.84931.12935.35337.30737.827
Cohesiefonds2.6592.7152.7892.8395.6825.1335.873
-
3.INTERN BELEID6.0316.2726.5586.7968.7229.0129.138
-
4.EXTERN BELEID4.6274.7354.8734.9725.0825.1195.130
-
5.ADMINISTRATIE (2)4.6384.7765.0125.2115.9836.1856.356
-
6.RESERVES 906916676434442446446
Monetaire reserve500500250
Reserve voor noodhulp203208213217221223223
Reserve voor garanties203208213217221223223
-
7.PRETOETREDINGSSTRATEGIE3.1743.2403.3283.3863.4553.4723.472
Landbouw529540555564
Pretoetredingsinstrument voor het structuurbeleid1.0581.0801.1091.129
PHARE (kandidaat-landen)1.5871.6201.6641.693
-
8.COMPENSATIES1.4101.3051.046
TOTAAL VASTLEGGINGSKREDIETEN93.79297.189100.672102.145115.434119.418120.875
TOTAAL BETALINGSKREDIETEN91.32294.730100.078102.767111.380114.060116.555
Maximum, betalingskredieten in % van het BNI (ESR 95)1,07%1,08%1,11%1,09%1,11%1,09%1,08%
Marge voor onvoorziene uitgaven0,17%0,16%0,13%0,15%0,13%0,15%0,16%
Maximum eigen middelen1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%
(1) De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en het tijdschema van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad.
(2) De pensioenuitgaven die onder het maximum van deze rubriek vallen, zijn berekend zonder de bijdragen van het personeel in de pensioenregeling, binnen de limiet van 1,1 miljard euro tegen de prijzen van 1999 voor de periode 2000-2006.
TABEL 2b: AANGEPASTE FINANCIËLE VOORUITZICHTEN (EU-25) TEGEN LOPENDE PRIJZEN
(inclusief begrotingsgevolgen van een politieke regeling op Cyprus)
(miljoen EUR)Lopende prijzen2005-prijzen
VASTLEGGINGSKREDIETEN2000200120022003200420052006
-
1.LANDBOUW41.73844.53046.58747.37849.29751.43751.584(1)
1a Gemeenschappelijk landbouwbeleid37.35240.03541.99242.68042.77244.60844.621
1b Plattelandsontwikkeling4.3864.4954.5954.6986.5256.8296.963
-
2.STRUCTURELE MAATREGELEN32.67832.72033.63833.96841.09442.52743.826
Structuurfondsen30.01930.00530.84931.12935.39537.37937.934
Cohesiefonds2.6592.7152.7892.8395.6995.1485.892
-
3.INTERN BELEID6.0316.2726.5586.7968.7379.0279.154
-
4.EXTERN BELEID4.6274.7354.8734.9725.0825.1195.130
-
5.ADMINISTRATIE (2)4.6384.7765.0125.2115.9836.1856.356
-
6.RESERVES 906916676434442446446
Monetaire reserve500500250
Reserve voor noodhulp203208213217221223223
Reserve voor garanties203208213217221223223
-
7.PRETOETREDINGSSTRATEGIE3.1743.2403.3283.3863.4553.4723.472
Landbouw529540555564
Pretoetredingsinstrument voor het structuurbeleid1.0581.0801.1091.129
PHARE (kandidaat-landen)1.5871.6201.6641.693
-
8.COMPENSATIES1.4101.3051.046
TOTAAL VASTLEGGINGSKREDIETEN93.79297.189100.672102.145115.500119.518121.014
TOTAAL BETALINGSKREDIETEN91.32294.730100.078102.767111.380114.060116.555
Maximum, betalingskredieten in % van het BNI (ESR 95)1,07%1,08%1,11%1,09%1,11%1,09%1,08%
Marge voor onvoorziene uitgaven0,17%0,16%0,13%0,15%0,13%0,15%0,16%
Maximum eigen middelen1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%1,24%
(1) De inachtneming van de maxima van de financiële vooruitzichten verhindert niet dat in 2006 kredieten van subrubriek 1a naar subrubriek 1 b worden overgeheveld in verband met de modulatie volgens de voorwaarden en het tijdschema van artikel 10 van Verordening nr. 1782/2003 van de Raad.
(2) De pensioenuitgaven die onder het maximum van deze rubriek vallen, zijn berekend zonder de bijdragen van het personeel in de pensioenregeling, binnen de limiet van 1,1 miljard euro tegen de prijzen van 1999 voor de periode 2000-2006.
| publication date | 18-10-2004 |
|---|---|
| reference | 13517/04 |
