Europa en democratie - Hoofdinhoud
Uitspraken als 'Europa heeft een democratisch tekort' en 'Brussel heeft het zo bepaald' wekken de indruk dat er in Brussel besluiten voor ons genomen worden zonder dat we daar veel over te zeggen hebben. Dat ligt genuanceerder.
Belangrijke besluiten worden in de Europese Unie uiteindelijk genomen door:
-
-de Raad van ministers of de Europese Raad, die de democratisch tot stand gekomen regeringen van de lidstaten vertegenwoordigen,
-
-de leden van het Europees Parlement, die door de burgers van Europa zijn gekozen,
-
-de leden van de Europese Commissie, die door de regeringen zijn voorgedragen en met instemming van het Europees Parlement zijn benoemd.
Er zijn wel verbeteringen mogelijk. Zo is bijvoorbeeld niet al het werk in de Raad van Ministers openbaar, en is het dus niet altijd mogelijk erachter te komen wat de afzonderlijke lidstaten willen en hoe er onderhandeld wordt. Bij sommige procedures vindt de democratische controle pas laat en indirect plaats.
Een andere belangrijke oorzaak van het gevoelde democratisch tekort is dat veel mensen weinig zicht hebben op wat er in Europa gebeurt, en al helemaal niet het gevoel hebben dat zij daar enige invloed op kunnen uitoefenen. Dat laatste blijkt in de praktijk best mee te vallen, maar zeker in Nederland laten we uit onwetendheid de kans om invloed uit te oefenen vaak liggen.
Meer democratie door hervormingen EU
De spelregels van de Europese Unie worden in verdragen vastgelegd. In het laatste verdrag, het Verdrag van Lissabon, zijn besluitvormingsprocedures aangepast om het democratisch gehalte te verhogen. Het Europees Parlement krijgt op meer gebieden medebeslissingsbevoegdheid. Er is een een procedure ingesteld waarbij de nationale parlementen beoordelen of de EU wel besluiten over een bepaald onderwerp mag nemen.
En vanaf 2012 kunnen inwoners van de Europese Unie de Europese Commissie verzoeken om een wetsvoorstel te maken over een bepaald onderwerp. Daar zijn wel een miljoen handtekeningen voor nodig. In december 2010 werd overeenstemming bereikt over de voorwaarden voor dit zogenaamde Europese burgerinitiatief.
Europese verkiezingen
Europese burgers kunnen wel degelijk een bepaalde invloed uitoefenen op de gang van zaken in Europa. Om de vijf jaar worden er namelijk Europese verkiezingen gehouden, waarbij het Europees Parlement wordt gekozen.
Alle inwoners van de 27 EU-lidstaten kunnen dan door middel van nationale kieslijsten stemmen op de mensen die zij als Europarlementariërs in Brussel zouden willen zien. De opkomst bij deze verkiezingen is overigens over het algemeen erg laag, omdat mensen zich minder betrokken voelen bij het voor hen relatief onbekende Europees Parlement.
Omdat er een vaste verdeling van zetels per land geldt, is het mogelijk om met nationale kieslijsten te werken. Om echter de legitimiteit van het Europees Parlement en de betrokkenheid van de kiezers te vergroten, pleiten verschillende Europese partijen voor Europese kieslijsten.
Op 19 april 2011 heeft de EP-Commissie Constitutionele Zaken (AFCO) een plan gepresenteerd voor het invoeren van deze Europese kieslijsten naast de bestaande nationale kieslijsten.
Om de legitimiteit van het Europees Parlement te vergroten, wil de commissie 25 extra Europarlementariërs aan het totale aantal Europarlementariërs toevoegen die voortaan gekozen zullen worden door middel van EU-brede kieslijsten. Het aantal Europarlementariërs zal dan stijgen van 751 naar 776.
Kiezers zullen bij de Europese verkiezingen voortaan twee stembiljetten krijgen, één voor de nationale en één voor de EU-brede kieslijst.
In juli stuurde het Europees Parlement het voorstel terug naar de parlementaire commissie Constitutionele zaken. Dat gebeurde vanwege bezwaren in het EP tegen het voorstel. Velen vinden de kosten van 25 extra leden onverantwoord.
Projecten om de burger mee te laten praten
Het Europees Parlement in besloot in 2006 een nieuw platform op te richten voor het bevorderen van de dialoog met de burgers - een forum met de naam 'Agora'. Het doel van Agora is de Europese burgers op een directe manier te betrekken bij de opbouw van de Europese Unie.
Na de eerste succesvolle Agora, gehouden in november 2007 met meer dan 400 afgevaardigden van verenigingen, organisaties en vakbonden uit heel Europa, werd voorgesteld om dit forum tot een permanente ruimte voor debat tussen het EP en het maatschappelijk middenveld te maken. In 2008 vond het tweede forum plaats, dit keer over klimaatverandering.
Daarnaast organiseert het Europees Parlement in de verschillende lidstaten veel kleine projecten, vooral voor jongeren.
Betere communicatie over wat de EU doet
In juli 2009 publiceerde de Zweedse denktank Timbro een rapport waarin het de EU beschuldigt Europees belastinggeld te gebruiken voor een te pro-Europese boodschap. Zo beheert de Europese Unie haar eigen televisiekanalen en netwerken en geeft ze trainingen voor journalisten.
Als reactie op deze aantijgingen verklaarde toenmalig EU-Commissaris Wallström dat het de bedoeling is dat de Europese Commissie meer open wordt en toegankelijker voor andere meningen van een groter publiek, in plaats van ervoor te zorgen dat de Europese Unie geliefder wordt bij de Europese burgers.