-
20-05European Parliament plenary session
-
20-05European Parliament committee meeting: Economic and Monetary Affairs
-
20-05European Parliament committee meeting: Agriculture and Rural Development
-
20-05EP Martin Schulz: Opening of the plenary
-
20-05Parliamentary committee meeting: Security and Defence, Strasbourg
-
19:00Committee on Economic and Monetary Affairs
-
19:00Committee on Employment and Social Affairs
-
21-05EP Martin Schulz: Chairing of the Plenary: Council and Commission statements
-
21-05Plenary sitting European Parliament, Strasbourg
-
21-05Plenary sitting European Parliament
-
21-05EP Martin Schulz: Meeting with Neven Mimica, Commissioner-designate for consumer protection
-
21-05Meeting with EU ombudsman
-
21-05EP Martin Schulz: Meeting with José Manuel Barroso, President of the European Commission
European Parliament (EP) - Hoofdinhoud
De volksvertegenwoordiging van de Europese Unie geeft een stem aan de volkeren van de 27 landen die aan de Unie deelnemen. Hierbij let het vooral op het belang van de Unie in zijn geheel. Het Parlement debatteert op basis van voorstellen van de Europese Commissie en kan daarbij wijzigingen voorstellen, waarna het Parlement en de Raad van de Europese Unie samen een beslissing nemen.
Het Europees Parlement (EP) vertegenwoordigt bijna een half miljard Europeanen en bestaat uit 754 afgevaardigden, waarvan 26 namens Nederland. Vanaf 2014 is het maximum aantal leden bepaald op 750 plus de voorzitter.
Het Verdrag van Lissabon, dat op 1 december 2009 in werking is getreden, voorzag in een uitbreiding met 18 Europarlementariërs uit verschillende landen, nog vóór 2014. Een protocol is inmiddels door alle lidstaten ondertekend. Nederland heeft één van de extra zetels gekregen. Die zetel is naar de PVV gegaan.
In oktober 2010 werd een raamwerkovereenkomst gesloten met de Europese Commissie, waarin de nieuwe mogelijkheden die het Verdrag van Lissabon biedt worden uitgewerkt.
Het Europees Parlement wordt sinds 1979 om de vijf jaar via rechtstreekse algemene verkiezingen gekozen en weet zich langzaam maar zeker een steeds sterkere positie te verwerven. De verkiezingen voor het huidige parlement zijn op 4 juni 2009 gehouden. De volgende verkiezingen zijn in 2014.
Sinds 17 januari 2012 is de Duitse sociaaldemocraat Martin Schulz voorzitter van het Europees Parlement. In juli 2014 wordt een opvolger van hem gekozen, omdat zijn ambtstermijn is verstreken.
Het Europees Parlement Informatiebureau in Nederland is het gezicht van het Europees Parlement in Nederland.
Locatie (Stad) |
Straatsburg, Brussel en Luxemburg |
|---|---|
Locatie (Land) |
|
Grondslag |
Artikel 223-234 VwEU |
Ingesteld |
1952 |
Aard organisatie |
Officiële instelling van de Europese Unie |
adressen overige vestigingen
Locatie |
Contactgegevens |
|---|---|
Luxemburg |
Plateau du Kirchberg B.P. 1601 L-2929 Luxemburg tel. + 352 / 4300 1 |
Straatsburg |
1, avenue du Président Robert Schuman CS 91024 F-67070 Straatsburg Cedex tel. + 33 (0) 3 88 17 40 01 |
Zoals alle parlementen heeft het Europees Parlement de volgende taken/bevoegdheden:
Het Europees Parlement stelt, samen met de Raad van de Europese Unie (kortweg 'de Raad van Ministers'), de Europese regelgeving vast. De positie van het Parlement is echter echter niet voor alle beleidsterreinen hetzelfde. Naarmate de lidstaten de wetgeving op een bepaald terrein meer in eigen hand willen houden, heeft de Raad van Ministers meer mogelijkheden om het eigen standpunt door te zetten.
-
Begrotingsbevoegdheid
Het Europees Parlement is samen met de Raad van Ministers de begrotingsautoriteit van de Europese Unie. Samen stellen zij elk jaar het budget van de Unie vast. De behandeling en het vaststellen van het budget neemt een half jaar in beslag en wordt gewoonlijk in december afgerond. Oorspronkelijk had het Europees Parlement een aanzienlijk zwakkere begrotingsbevoegdheid dan de Raad. Sinds het Verdrag van Lissabon in werking is getreden is hier verandering in gekomen en heeft het Parlement volledige medebeslissingsbevoegdheid.
Het Europees Parlement oefent democratische controle uit op alle activiteiten van de Europese Unie en beschikt daartoe over een grote verscheidenheid aan instrumenten, waaronder de goedkeuring van de benoeming van de leden van de Commissie.
Het Europees Parlement kan de benoeming van de Europese Commissie en haar voorzitter goed- of afkeuren, en kan de Europese Commissie ook tussentijds ontslaan.
Het Europees Parlement benoemt de Europese Ombudsman. De ombudsman behandelt klachten over het optreden van Europese instellingen waar burgers, bedrijven en instellingen de dupe van zijn. Europarlementariërs kunnen ook zaken bij de Ombudsman aankaarten.
De maandelijkse plenaire zittingen van het Europees Parlement vinden plaats in Straatsburg. De bijkomende voltallige zittingen worden gehouden in Brussel, waar ook de parlementaire commissies en andere ondersteunende organen van het Parlement zetelen.
Een voorstel om regelmatig actuele debatten in Brussel te houden, haalde in juli 2007 net geen meerderheid.
De 23 voertalen in het Parlement
Het Parlement werkt in de drieëntwintig officiële talen van de Unie. Europarlementariërs spreken in hun eigen taal en worden rechtstreeks vertaald in de 22 overige talen.
De Voorzitter geeft leiding aan alle activiteiten van het Parlement. Hij zit de plenaire vergaderingen en de vergaderingen van de Conferentie van voorzitters voor. Ook vertegenwoordigt hij het Parlement naar buiten toe, met name in de internationale betrekkingen.
-
Leden Europees Parlement
De leden van het Europees Parlement zijn rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordigers die de belangen behartigen van de bevolkingen van de 27 lidstaten van de Unie. Sinds 4 juli 2009 bestond het Europees Parlement uit 736 Europese afgevaardigden (ook wel 'Europarlementariërs', 'parlementsleden' of kortweg 'leden' genoemd). Op 1 december 2011 kwamen er 18 leden bij, waarvan 1 uit Nederland. Daarmee heeft het Europees Parlement nu 754 leden.
-
Fracties
Een fractie is een politiek samenwerkingsverband tussen parlementsleden met dezelfde politieke overtuiging (christen-democratisch, liberaal, socialistisch, etc.). Vanuit deze overtuiging probeert een fractie invloed uit te oefenen op Europees beleid. De fracties komen voort uit meer dan honderd nationale politieke partijen.
-
Parlementaire commissies
Deze commissies bereiden de plenaire vergaderingen van het Europees Parlement inhoudelijk voor en bestaan uit leden van het Europees Parlement. Zij behandelen de voorstellen voor Europese richtlijnen en verordeningen van de Commissie en de Raad, en eigen initiatieven van haar leden.
De delegaties van het Europees Parlement onderhouden de betrekkingen met de parlementen van landen die geen lid zijn van de Europese Unie. Zij spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van de invloed van Europa in het buitenland.
Het Bureau bestaat uit de Voorzitter van het Europees Parlement, veertien ondervoorzitters en vijf quaestoren. Het stelt de raming van de begroting van het Parlement op en regelt alle administratieve, personeels- en organisatorische kwesties.
-
Quaestoren
Het Europees Parlement kiest in de plenaire vergadering zes van haar leden tot quaestor. Deze functionarissen moeten er op toezien dat de leden over de financiële en administratieve infrastructuur beschikken die nodig is voor de goede uitoefening van hun mandaat. Zij vervullen gezamenlijk het 'penningmeesterschap' van het Parlement.
Het Secretariaat-generaal heeft tot taak het wetgevingswerk te coördineren en de plenaire vergaderingen en de overige vergaderingen te organiseren. Het is gevestigd in Luxemburg en Brussel.
De nationale regeringen en parlementen hebben geen directe stem in het Europees Parlement. Wel hebben de leden van het Europees Parlement vrijwel altijd een relatie met een politieke partij uit het eigen land. Momenteel zijn er in het Europees Parlement zeven fracties, en een aantal "niet-ingeschreven" leden. De fracties komen voort uit meer dan honderd nationale politieke partijen.
Zetelverdeling
De vertegenwoordiging van lidstaten in het Europees Parlement is gebaseerd op de bevolkingsgrootte van de lidstaten, waarbij de grootste landen wat minder en de kleinste landen wat meer zetels hebben dan hen op basis van het bevolkingsaantal zou toekomen; zo heeft elk land maximaal 99 en minimaal 6 zetels.
Zetels |
Land(en) met dit aantal zetels |
|---|---|
99 |
Duitsland |
74 |
Frankrijk |
73 |
Verenigd Koninkrijk, Italië |
54 |
Spanje |
51 |
Polen |
33 |
Roemenië |
26 |
Nederland |
22 |
België, Griekenland, Hongarije, Portugal, Tsjechië |
20 |
Zweden |
19 |
Oostenrijk |
18 |
Bulgarije |
13 |
Denemarken, Finland, Slowakije |
12 |
Ierland, Litouwen |
9 |
Letland |
8 |
Slovenië |
6 |
Cyprus, Estland, Luxemburg, Malta |
754 |
totaal |
In het huidige Europese Parlement is Nederland vertegenwoordigd door 26 afgevaardigden op een totaal van 754 (3,4 procent van het totaal).
De Nederlandse Europarlementariërs worden regelmatig uitgenodigd in de Eerste en Tweede Kamer. Bij sommige beleidsonderwerpen hebben zij spreekrecht. Zo is het al enige jaren een praktijk dat de Nederlandse leden van het EP deelnemen aan het debat over de Staat van de Unie - een jaarlijks verslag van de regering over de positie van Nederland in de EU. Dankzij een wijziging in het Reglement van Orde van de Tweede Kamer, vastgesteld op 11 december 2007, kunnen de Nederlandse Europarlementariërs op uitnodiging van de Kamer officieel deelnemen aan de beraadslaging over een bepaald onderwerp.
Het Europees Parlement heeft twee keer een Nederlandse voorzitter gehad:
Het Europees Parlement vindt haar basis in het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU).
-
-Samenstelling, organisatie, reglement omtrent verkiezingen: zesde deel VwEU titel I hoofdstuk I eerste afdeling (artikelen 223 t/m 234), Verklaring betreffende het politieke akkoord van de Europese Raad over het ontwerp-besluit inzake de samenstelling van het Europees Parlement
Het Europees Parlement is na een aarzelende start in 1952 aanzienlijk gegroeid, zowel in vorm als in invloed. In 1952, toen het Europees Parlement nog de 'Vergadering' heette, waarin uitsluitend nationale parlementsleden zitting hadden, kon alleen in theorie over een democratische volksvertegenwoordiging met een adviserende taak worden gesproken. De eerste stappen naar een reële invloed van het Europees Parlement werden in 1975 gezet, toen het Parlement de bevoegdheid kreeg om de ontwerpbegroting van de Raad te wijzigen of in haar geheel af te wijzen.
De volgende grote stap naar meer invloed werd in 1986 gezet: na de verdragswijziging die als de Europese Akte bekendstaat, werd het Europees Parlement bij het algemene wetgevingsproces betrokken in de vorm van de zogeheten samenwerkingsprocedure, die voornamelijk voor wetgeving met betrekking tot de gemeenschappelijke markt werd gebruikt. Een andere belangrijke verandering was dat het Europees Parlement bij de goedkeuring van toetredingsverdragen met nieuwe lidstaten werd betrokken; dat betekent dat het Parlement nu een veto heeft over de overeenkomsten die door de Raad met de nieuwe lidstaten over hun toelating tot de Europese Unie worden gesloten.
De grootste uitbreiding van de invloed van het Europees Parlement tot nu toe kwam met de inwerkingtreding van het Verdrag van Maastricht op 1 november 1993. Op een aantal beleidsterreinen maakte het Verdrag van Maastricht van het Europees Parlement een medewetgever naast de Raad. De belangrijkste procedure op grond waarvan het Parlement deze grote invloed kan uitoefenen, is de medebeslissingsprocedure. Zoals de naam al zegt, is het voornaamste kenmerk van deze procedure dat een wetgevingsbesluit van de Europese Unie niet kan worden vastgesteld zonder dat de Raad en het Europees Parlement het over de goedkeuring eens worden.
Met de inwerkingtreding van het verdrag van Amsterdam in 1999 heeft het Europees Parlement meer bevoegdheden gekregen, met name dankzij een veel bredere toepassing van de medebeslissingsprocedure. Deze ontwikkeling in de richting van een versterking van de rol van het Parlement als medewetgever is verder doorgetrokken in het in 2003 in werking getreden verdrag van Nice, dat het Parlement tevens het recht heeft toegekend om bij het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen beroep in te stellen.
Door de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon op 1 december 2009 beslist het Europees Parlement (EP) op veel meer terreinen mee volgens de gewone wetgevingsprocedure. Dat geldt bijvoorbeeld op het gebied van landbouw, structuurfondsen, handelsbeleid en deels voor justitie, migratie en politiezaken. Het EP mag nu ook over de hele begroting meebeslissen. Tot nu toe mocht dit alleen over de 'vrijwillige uitgaven' en bijvoorbeeld niet over de omvangrijke begrotingspost landbouwuitgaven. Het EP is dus vaker wetgever, samen met de Raad van Ministers.
| internet | website inlichtingen |
|---|---|
| tel. | +32 (0) 2 284 21 11 |
| fax | +32 (0) 2 284 69 74 |
| adres | Wiertzstraat 60 B-1047 - Brussel (Belgium) |
| Voorzitter | Martin Schulz |